traduire
donderdag 25 september 2014
KATARAKT
Ik vond dat een mooie serie, katarakt.
Het was eens iets anders.
En Vlaams bovendien , iets wat we niet zo gewoon waren, een goede Vlaamse serie.
We misten dan ook geen enkele aflevering.
En ik weet ook nog hoe erg ik het vond dat de hoofdrolspeelster langzaamaan blind aan het worden was, wegens....jawel, katarakt.
Sinds een paar maanden viel het me op dat Jan niet zo goed meer zag.
Hijzelf was er zich natuurlijk nog beter van bewust maar je ziet dat van hier dat hij daar ook maar voor zou uitkomen!
Als hij bijvoorbeeld een glas wou grijpen, dan greep hij daar soms naast.
En natuurlijk zou het gekund hebben dat dat enkel het gevolg was van een te groot aantal glazen rosé , maar dan nog kwam het me vreemd voor.
En toen ik dat luidop tegen hem zei, ja, dan moest hij toegeven dat hij toch eens naar de oogarts zou moeten. Ooit, eens.
Een vriendin van mij werd onlangs geopereerd van katarakt aan beide ogen en ik vergezelde haar naar de oogarts voor de gebruikelijke onderzoeken die daarmee gepaard gaan.
En ik zou niet zijn wie ik ben als ik niet -ter plekke- zag dat het goed was, de dokter meer dan betrouwbaar bleek, zijn apparatuur hypermodern oogde ( what's in a name?) en prompt een afspraak nam voor Jan.
En inderdaad, hij had nog 10 % zicht op zijn linkeroog, katarakt, zei de dokter.
Dat is dus heel weinig. De operatie werd gepland en zou plaatsgrijpen op 25 september, vandaag dus.
Tot vandaag schepte ik er veel plezier in om te pas en ten onpas Jan te plagen in de trant van " laat maar Jan, jij ziet dat toch niet", of " heb jij dat dan echt gezien, jij ?"...
Maar daar kan hij goed tegen, Jan.
Vanmorgen was hij een beetje minder held.
Zenuwen gierden van boven naar beneden, van beneden naar boven, van links naar rechts, en rond 6.45 u vertrokken we naar Montauban waar Dr. Rouleau hem zou opereren.
Ik was rustig, hij niet.
Het was even erg als wanneer we op reis gaan. Dan kan Jan ook niet slapen, staat hij verschillende keren op, gaat zijn lijstjes na, de valiezen zijn al lang in de koffer voor we vertrekken...en meestal zijn we toch nog iets heel essentieels vergeten, of wat dacht je.
Ik word daar heel zenuwachtig van.
Heel zenuwachtig.
Zoals vandaag.
Toen Jan ingechecked was- zoals in een hotel- reed ik terug naar huis , naar de jongens.
En rond 1 uur reed ik terug naar Montauban om de patient te gaan halen.
Hij klonk nog een beetje verward, was niet zo goedgezind eigenlijk.
En ik begon heel laconiek mijn doorloper in te vullen.
Je zou voor minder.
Hij moet een ganse batterij druppeltjes inbrengen en medicijnen nemen, daar niet van.
Maar nu zit hij thuis al naar TV te kijken, en hij kan de ondertiteling lezen zonder bril, zegt hij.
Het pikt en schuurt nog wat, het traant nog een beetje, maar wat een verschil.
Hij ziet nu beter dan ik.
Wat zijn wij toch in een goede eeuw geboren.
Jaren terug werd je gewoon stilletjes aan blind.
dinsdag 23 september 2014
De laatste tomaten
Er zijn nog wat tomaten hé, zegt Jan langs zijn neus weg.
Wat ga ik daarmee beginnen, denk ik.
Ik kan nog wat tomatencoulis maken, want Jan heeft ook ajuin en verse look.
Er zijn nog wat groene pepertjes om er een straffe "touch" aan te geven.Waarom niet?
Maar zoveel tomaten waren het nu ook weer niet. En 5 liter tomatencoulis is wat weinig om een uur aan het stereliseren te slaan.
Als ik nu eens paté zou maken, opperde ik?
Het is weer een tijdje geleden en toch altijd handig om in de reservekamer te hebben staan als er op 't onverwachts iemand binnevalt.
We zijn dus gisteren naar de markt in Caussade geweest en ik kocht er chair à saucises, poitrine de porc, eieren, barde, lard gras en lever en ik had nog fantastisch fijn spek van "le cochon noir du quercy" uit Bach. Daar zou ik eens iets mee toveren zie!
Vanmorgen ben ik rond 8.15 u begonnen en rond 15 uur zijn mijn activiteiten gestopt. Uiteraard heb ik ook middagmaal gemaakt met de restjes van gisteren, zijnde kip . Ik maakte een quiche met die kip, prei uit de tuin, kleine tomaatjes, een pepertje en een paprika. En tja, het was ok, al vond ik het iets flauwer dan als je het met spek maakt.
Maar er is niets verloren gegaan en dat vind ik zo ferm.
Ik heb 5 liter tomatencoulis en 14 potten paté.
Rond 12 uur kreeg ik telefoon van een 88 jarige vriendin uit Cahors en ik vertelde haar van de paté.
Combien de temps tu le fais bouillir, vroeg ze.
Eén uur , zei ik, tenminste dat stond op mijn receptje.
Ah non Geneviève, au moins 3 heures pour de la viande crue! Où est-ce que tu as pris cette recette, ça je n'ai jamais entendu une heure, tu te trompes ma vieille ( zij moet spreken, haar dochter is ouder dan ik !) !
Allez, drie uur dan.
En nu zijn die drie uur voorbij , de afwassen zijn gedaan, Jan is de laatste aardappelen aan het omspitten , er zijn nog enkele pompoenen die moeten bewerkt worden en dan is het over and out wat de groentenpluk betreft.
Spijtig.
Want ik hou van die bezigheden , van de hitte in de vallei en van de afkoeling van het zwembad .
Maar het is herfst.
Aan alles komt een eind.
Wat ga ik daarmee beginnen, denk ik.
Ik kan nog wat tomatencoulis maken, want Jan heeft ook ajuin en verse look.
Er zijn nog wat groene pepertjes om er een straffe "touch" aan te geven.Waarom niet?
Maar zoveel tomaten waren het nu ook weer niet. En 5 liter tomatencoulis is wat weinig om een uur aan het stereliseren te slaan.
Als ik nu eens paté zou maken, opperde ik?
Het is weer een tijdje geleden en toch altijd handig om in de reservekamer te hebben staan als er op 't onverwachts iemand binnevalt.
We zijn dus gisteren naar de markt in Caussade geweest en ik kocht er chair à saucises, poitrine de porc, eieren, barde, lard gras en lever en ik had nog fantastisch fijn spek van "le cochon noir du quercy" uit Bach. Daar zou ik eens iets mee toveren zie!
Vanmorgen ben ik rond 8.15 u begonnen en rond 15 uur zijn mijn activiteiten gestopt. Uiteraard heb ik ook middagmaal gemaakt met de restjes van gisteren, zijnde kip . Ik maakte een quiche met die kip, prei uit de tuin, kleine tomaatjes, een pepertje en een paprika. En tja, het was ok, al vond ik het iets flauwer dan als je het met spek maakt.
Maar er is niets verloren gegaan en dat vind ik zo ferm.
Ik heb 5 liter tomatencoulis en 14 potten paté.
Rond 12 uur kreeg ik telefoon van een 88 jarige vriendin uit Cahors en ik vertelde haar van de paté.
Combien de temps tu le fais bouillir, vroeg ze.
Eén uur , zei ik, tenminste dat stond op mijn receptje.
Ah non Geneviève, au moins 3 heures pour de la viande crue! Où est-ce que tu as pris cette recette, ça je n'ai jamais entendu une heure, tu te trompes ma vieille ( zij moet spreken, haar dochter is ouder dan ik !) !
Allez, drie uur dan.
En nu zijn die drie uur voorbij , de afwassen zijn gedaan, Jan is de laatste aardappelen aan het omspitten , er zijn nog enkele pompoenen die moeten bewerkt worden en dan is het over and out wat de groentenpluk betreft.
Spijtig.
Want ik hou van die bezigheden , van de hitte in de vallei en van de afkoeling van het zwembad .
Maar het is herfst.
Aan alles komt een eind.
maandag 22 september 2014
Jacht op kleinwild
Toen we zondag terugkwamen van de apéro in het dorp zagen we twee dikke fazanten langs de kant van de weg.
Ik zag aan Jan's twinkeloogjes dat die twee beestjes wel voor hem zouden kunnen zijn...straks zie, want het jachtseizoen om te jagen op klein wild is ondertussen geopend, veertien dagen later dan normaal. Waarschijnlijk omdat het nog altijd zo warm is en omdat de teelten nog op de akkers staan: maïs en zonnenbloemen staan nog rechtop en het wild springt van het ene veld in het andere: niet te doen ! zeggen de jagers.
En trouwens, voor de honden is het ook nog te heet, na een paar uur zijn ze bekaf. Je zou voor minder.
Zaterdag was Jan zijn geluk gaan beproeven op het everzwijn.
"Geen beest gezien", zei hij. Er was één exemplaar geschoten,dat wel ,maar hij, neen, hij had het niet gezien.
Dat is in feite heel dikwijls het geval.
Ik vraag me dan af wat er zo leuk is aan in een oneindig groot veld te staan waar je geen levend wezen tegenkomt gedurende een uur of vier...alleen maar staan kijken en af en toe een babbeltje slaan met je mede-vriend-jager.
Ik verdenk die mannen ervan gewoon onder mannen te willen zijn en gewoonweg een excuus te hebben ( de jacht) om een potje te zitten commeren en over politiek, Sarkozy en Hollande, de Euro, de landbouw en de andere jagers te lopen jammeren , zij het dan met een jachtgeweer op je schouder en uitgedost zoals een paracommando in volle actie. Pet, fluo vest, groene broek, groene jas, laarzen of bottines met gueuttes (scheenbeschermers) ,groene kousen, groene handschoenen...pff, uitgedost zoals we zouden kunnen stellen met "pek en veren".
Heel macho gedoe in feite.
Want als ik gewoon "onder meiden" wil zijn begrijpt Jan dat niet.
Waarom wil ik nu perse alleen met vrouwen rond de tafel zitten en eten, drinken en commeren?
Ja , waarom doen wij vrouwen dat zo graag zonder dat we daar iets anders voor moeten uitvinden, in de zin van: ik zit in de breiclub en ik heb geen wol maar dat geeft niet, anderen hebben wel een sjaal gebreid en zaterdag ga ik terug hetzelfde doen...
Vertaald : ik zit in de jachtclub en ik heb geen wild gezien, maar een ander heeft wel een everzwijn geschoten en zaterdag ga ik terug hetzelfde doen...
Zie ik dat verkeerd?
Of zie ik dat verkeerd.
Maar bon, de jager ging nu echt, voor echtig en 't echtig ,op kleinwild jagen, alleen, met zijn jachthond, Cartouche en zijn geweer.
Hij had ook een bezas meegenomen, een groene uiteraard om die schoon beestekes in te steken, eens ze zouden geschoten zijn.
Ik denk dat hij na 30 minuten al terug thuis was: geen fazant gezien en Cartouche was helemaal niet te zien, die had één of andere loopse teef ontdekt in de geburen en het kon hem in de verste verte niet bekoren om twee vette vogels te gaan zoeken voor zijn baasje.
Ik zag de ontgoochelig op Jan's gezicht.
Volgende week beter.
Denkt hij.
Ik twijfel.
Ik zag aan Jan's twinkeloogjes dat die twee beestjes wel voor hem zouden kunnen zijn...straks zie, want het jachtseizoen om te jagen op klein wild is ondertussen geopend, veertien dagen later dan normaal. Waarschijnlijk omdat het nog altijd zo warm is en omdat de teelten nog op de akkers staan: maïs en zonnenbloemen staan nog rechtop en het wild springt van het ene veld in het andere: niet te doen ! zeggen de jagers.
En trouwens, voor de honden is het ook nog te heet, na een paar uur zijn ze bekaf. Je zou voor minder.
Zaterdag was Jan zijn geluk gaan beproeven op het everzwijn.
"Geen beest gezien", zei hij. Er was één exemplaar geschoten,dat wel ,maar hij, neen, hij had het niet gezien.
Dat is in feite heel dikwijls het geval.
Ik vraag me dan af wat er zo leuk is aan in een oneindig groot veld te staan waar je geen levend wezen tegenkomt gedurende een uur of vier...alleen maar staan kijken en af en toe een babbeltje slaan met je mede-vriend-jager.
Ik verdenk die mannen ervan gewoon onder mannen te willen zijn en gewoonweg een excuus te hebben ( de jacht) om een potje te zitten commeren en over politiek, Sarkozy en Hollande, de Euro, de landbouw en de andere jagers te lopen jammeren , zij het dan met een jachtgeweer op je schouder en uitgedost zoals een paracommando in volle actie. Pet, fluo vest, groene broek, groene jas, laarzen of bottines met gueuttes (scheenbeschermers) ,groene kousen, groene handschoenen...pff, uitgedost zoals we zouden kunnen stellen met "pek en veren".
Heel macho gedoe in feite.
Want als ik gewoon "onder meiden" wil zijn begrijpt Jan dat niet.
Waarom wil ik nu perse alleen met vrouwen rond de tafel zitten en eten, drinken en commeren?
Ja , waarom doen wij vrouwen dat zo graag zonder dat we daar iets anders voor moeten uitvinden, in de zin van: ik zit in de breiclub en ik heb geen wol maar dat geeft niet, anderen hebben wel een sjaal gebreid en zaterdag ga ik terug hetzelfde doen...
Vertaald : ik zit in de jachtclub en ik heb geen wild gezien, maar een ander heeft wel een everzwijn geschoten en zaterdag ga ik terug hetzelfde doen...
Zie ik dat verkeerd?
Of zie ik dat verkeerd.
Maar bon, de jager ging nu echt, voor echtig en 't echtig ,op kleinwild jagen, alleen, met zijn jachthond, Cartouche en zijn geweer.
Hij had ook een bezas meegenomen, een groene uiteraard om die schoon beestekes in te steken, eens ze zouden geschoten zijn.
Ik denk dat hij na 30 minuten al terug thuis was: geen fazant gezien en Cartouche was helemaal niet te zien, die had één of andere loopse teef ontdekt in de geburen en het kon hem in de verste verte niet bekoren om twee vette vogels te gaan zoeken voor zijn baasje.
Ik zag de ontgoochelig op Jan's gezicht.
Volgende week beter.
Denkt hij.
Ik twijfel.
zondag 21 september 2014
chim chim cheree
September is de maand waarin de schouwveger belt of waarin wij de brave man contacteren ( een keer of vijf, op zijn ligne fixe, zijn mobile, zijn adresse mail, terug op zijne fixe, terug op zijne mobile ...zucht) om de schouwen te komen vegen.
We hebben drie schouwen, twee ervan worden professioneel gereinigd ,jaarlijks.
We stoken immers met hout en in de kachel wordt er 's nachts ook kolen gebrand.
Het duurt lang, het neemt tijd, maar er wordt dan ook met veel aandacht en zorg gewerkt. Alles wordt afgedekt, de man kruipt op het dak, komt van het dak, zit in de grote schouw ( Le Cantou) , veegt, stofzuigt, ruimt op....
En verschijnt twee uur later als Zwarte Piet -alhoewel ik twijfel of ik die term nog mag gebruiken? - met een glimlach en al.
Maar proper dat die stoven en die haarden zijn! Proper !!!!
De winter kan beginnen, wij zijn er klaar voor!
vrijdag 19 september 2014
Leurhandel
Terwijl ik mijn koperen kookpotten aan het afwassen was dacht ik terug aan die dag dat een man zich aan onze deur bevond om ons een set keukenmateriaal te verkopen.
Men zegge en schrijve 1985 ,in Reet ,waar we zo'n twee jaar gewoond hebben vooraleer een huis te kopen in Boechout.
We hadden nauwelijks potten en pannen, of ze waren zo aftands-nog van onze periode op kot in Brussel- dat we zeker nieuwe konden gebruiken.
Onze financiën hadden net een boost gekregen en geloof het of niet, we lieten de man binnen.
"Wie doet dat nu ?", denken jullie.
Wel wij hebben het toen gedaan.
En daar heb ik ook nog geen minuut spijt van gehad, want na 29 jaar gebruik ik ze nog altijd.
Vier kookpotten, mét deksel.
Onverslijtbaar.
Niks brandt er in aan en indien dat toch zou gebeuren, dan krijg je ze toch schoon.
Straf.
Ooit zag ik dezelfde potten staan op een kookbeurs en de prijs was de hoogte in gegaan! Niet te doen.
Was ik blij dat ik die venter ook blij gemaakt had die dag.
Maar misschien had het wel een onderliggende reden hoor dat ik de man binnenliet.
In het laatste jaar rechten gaf Professor De Vroede ons twee vakken : De cheque ( in onbruik geraakt een paar jaar nadien, maar hier in Frankrijk nog altijd dagelijks in gebruik- zo zie je maar dat alles een reden heeft in het leven) en nijverheidswetgeving.
Op het eerste vak behaalde ik 18/20. De meeste medestudenten leenden trouwens mijn spiraalschriftje met de samenvatting van de cursus.
Maar voor het tweede vak - mijn allerlaatste examen van de vijfjarige studie- één week voor mijn huwelijk ! - faalde ik met evenveel glans.
Daar zat ik dan voor die echt vriendelijke professor. Hij verwachtte waarschijnlijk veel van zijn jonge studente die zo'n goed cijfer behaald had een paar weken voordien met zijn andere cursus...
Niets, maar dan ook niets kon ik me herinneren van het lijvige groene boek.
"Leurhandel" jammerde hij tenslotte...
Maar ook dat deed geen belletje rinkelen.
De professor zei me dat ik naar huis kon en 's namiddags mocht terugkeren nadat ik een paar uren gerust zou hebben.
Kan je innemender zijn?
Op de terugweg naar mijn kot was ik zodanig overstuur en in gedachten verzonken dat ik een aanrijding had en door al de in te vullen paperasserij mocht ik bijna stante pede terug naar de universiteit om het examen te gaan afleggen zonder rustpauze ingelast te hebben.
Terug bij de prof was het al niet veel beter en hij gaf me het voordeel van de twijfel, een 8.
Ik voelde me ellendig maar o zo dankbaar en ik was tenslotte geslaagd in het laatste jaar .
Was het daarom dat ik me 6 jaar later zo schuldig voelde toen die venter aan de deur stond en ik het trauma van de "leurhandelaar" niet kon aanzien...
En dat ik als om het goed te maken die vier koperen pannen gekocht heb?
In elk geval heb ik geluk gehad de eerste en de tweede keer, al was het dan met een deur -aan deur verkoper.
Ge moet maar chance hebben in het leven, zeg ik!
(zie ook blog "de cheque" 20 06 2013 )
Men zegge en schrijve 1985 ,in Reet ,waar we zo'n twee jaar gewoond hebben vooraleer een huis te kopen in Boechout.
We hadden nauwelijks potten en pannen, of ze waren zo aftands-nog van onze periode op kot in Brussel- dat we zeker nieuwe konden gebruiken.
Onze financiën hadden net een boost gekregen en geloof het of niet, we lieten de man binnen.
"Wie doet dat nu ?", denken jullie.
Wel wij hebben het toen gedaan.
En daar heb ik ook nog geen minuut spijt van gehad, want na 29 jaar gebruik ik ze nog altijd.
Vier kookpotten, mét deksel.
Onverslijtbaar.
Niks brandt er in aan en indien dat toch zou gebeuren, dan krijg je ze toch schoon.
Straf.
Ooit zag ik dezelfde potten staan op een kookbeurs en de prijs was de hoogte in gegaan! Niet te doen.
Was ik blij dat ik die venter ook blij gemaakt had die dag.
Maar misschien had het wel een onderliggende reden hoor dat ik de man binnenliet.
In het laatste jaar rechten gaf Professor De Vroede ons twee vakken : De cheque ( in onbruik geraakt een paar jaar nadien, maar hier in Frankrijk nog altijd dagelijks in gebruik- zo zie je maar dat alles een reden heeft in het leven) en nijverheidswetgeving.
Op het eerste vak behaalde ik 18/20. De meeste medestudenten leenden trouwens mijn spiraalschriftje met de samenvatting van de cursus.
Maar voor het tweede vak - mijn allerlaatste examen van de vijfjarige studie- één week voor mijn huwelijk ! - faalde ik met evenveel glans.
Daar zat ik dan voor die echt vriendelijke professor. Hij verwachtte waarschijnlijk veel van zijn jonge studente die zo'n goed cijfer behaald had een paar weken voordien met zijn andere cursus...
Niets, maar dan ook niets kon ik me herinneren van het lijvige groene boek.
"Leurhandel" jammerde hij tenslotte...
Maar ook dat deed geen belletje rinkelen.
De professor zei me dat ik naar huis kon en 's namiddags mocht terugkeren nadat ik een paar uren gerust zou hebben.
Kan je innemender zijn?
Op de terugweg naar mijn kot was ik zodanig overstuur en in gedachten verzonken dat ik een aanrijding had en door al de in te vullen paperasserij mocht ik bijna stante pede terug naar de universiteit om het examen te gaan afleggen zonder rustpauze ingelast te hebben.
Terug bij de prof was het al niet veel beter en hij gaf me het voordeel van de twijfel, een 8.
Ik voelde me ellendig maar o zo dankbaar en ik was tenslotte geslaagd in het laatste jaar .
Was het daarom dat ik me 6 jaar later zo schuldig voelde toen die venter aan de deur stond en ik het trauma van de "leurhandelaar" niet kon aanzien...
En dat ik als om het goed te maken die vier koperen pannen gekocht heb?
In elk geval heb ik geluk gehad de eerste en de tweede keer, al was het dan met een deur -aan deur verkoper.
Ge moet maar chance hebben in het leven, zeg ik!
(zie ook blog "de cheque" 20 06 2013 )
donderdag 18 september 2014
Tabaksambiguïteit
In onze vallei kweekt Philippe Compan tabak.
Hij heeft grote hangars gezet , elk jaar een beetje meer trouwens, om er de tabak in op te hangen om te drogen.
Het is heel complex.
Een kleine tabaksplant ziet er zo uit:
Dat groeit en groeit en wordt besproeid en tenslotte in september wordt de oogst met een speciale tractor afgereden.
Eens in de hangar worden de bladeren verdeeld, de middenste zijn de duurste, de bovenste van een mindere kwaliteit en de onderste de goedkoopste.
En dan drogen ze.
Hieronder zien jullie verse geoogste tabak en jarenlang gedroogde tabak.
Ik vroeg me af waarom er in deze tijd nog zoveel tabak wordt geplant?
"Subsidies" antwoordde Philippe, "veel subsidies" !
Hoe kan dat nu toch, in een wereld waar elke roker bekeken wordt of hij blaast cholera in ons gezicht. Op elk pakje staat "DODELIJK" ...
Maar Europa, die subsidieert.
Zouden vele mensen dat wel beseffen?
In wat voor een wereld leven wij eigenlijk?
Hij heeft grote hangars gezet , elk jaar een beetje meer trouwens, om er de tabak in op te hangen om te drogen.
Het is heel complex.
Een kleine tabaksplant ziet er zo uit:
Dat groeit en groeit en wordt besproeid en tenslotte in september wordt de oogst met een speciale tractor afgereden.
Eens in de hangar worden de bladeren verdeeld, de middenste zijn de duurste, de bovenste van een mindere kwaliteit en de onderste de goedkoopste.
En dan drogen ze.
Hieronder zien jullie verse geoogste tabak en jarenlang gedroogde tabak.
Ik vroeg me af waarom er in deze tijd nog zoveel tabak wordt geplant?
"Subsidies" antwoordde Philippe, "veel subsidies" !
Hoe kan dat nu toch, in een wereld waar elke roker bekeken wordt of hij blaast cholera in ons gezicht. Op elk pakje staat "DODELIJK" ...
Maar Europa, die subsidieert.
Zouden vele mensen dat wel beseffen?
In wat voor een wereld leven wij eigenlijk?
woensdag 17 september 2014
Snip
Snipverkouden op één van de warmste dagen van het jaar.
"Les cigales s'éclatent", roepen ze door de radio, "le soleil brûle de ses mille feux !"
Maar ik zit stilletjes binnen een kruiswoordraadsel op te lossen terwijl ik piep en hoest en vooral veel nies en snuit.
De lege zakdoekdozen stapelen zich op.
De vuilnisbak wordt om het uur volgeladen met net wolkjes tissue.
Hij zal niet zwaar zijn deze keer de vuilniszak.
Hier moet je zelf je zakken naar de containers brengen.
En de plastic in de daartoe voorziene bakken gieten.Dat moet dus niet in zakken steken.
Ten ware je in het dorp woont, dan komt de vuilkar langs.
Maar hier niet, té ver van het dorp.
Ook niet erg.
Ik voel de koortsmomenten komen en gaan.
De ene keer 38 °C, de volgende keer 36,8°C...
Zweten en rillen.
En slapen.
En niet zwemmen.
Terwijl Jan vandaag wel drie keer baantjes getrokken heeft.
Maar vanavond is het beter.
Mijn neus is al een paar uur droog gebleven.
Ik hoest nog af en toe.
De koorts is ook weg.
Morgen naar de dokter.
En dan denk ik bij mezelf, in feite overbodig.
Maar gezegd is gezegd en dus zal ik me er maar heen slepen.
Ohhh, vervelend op deze o zo mooie nazomerdag.
Les cigales s'éclatent, de krekeltjes verkreukelen zich.
En ons huisje heet 'Le cigalou', Occitaans voor het "krekeltje".
Morgen beter.
zondag 14 september 2014
Reinhard Mey - Als de dag van toen..
Ik was op zoek naar een plaatje van Hildegarde Knef met het oog op een mooie dag ergens in oktober.
Jan en ik haalden herinneringen op uit onze jeugd.
Op kot luisterden we naar Vragen staat vrij met Lutgarde Siemons en daarna naar Irene Houben.
Man, wat een zalig programma was dat. Wat een stem, wat een zwoele klanken kwamen er uit onze transistors gevlogen.
En alles wat ze draaide, werkelijk alles beviel ons.
Net of ze kende onze smaak, of ze wist wat we juist op dat eigenste moment wilden horen.
Wat was ik fan!
En hoevelen onder ons waren er fan !!!
We deden op een uur tijd de reis rond de wereld , gekluisterd aan dat stomme radiootje.
Hildegarde Knef met Tapätenwechseln, Bram vermeulen, Nana Mouskouri, Jacques Brel, Melina Mercouri met Agapimou of Je te dirais les mots, Frieda Boccara en il y aura 100.000 violons, maar ook Nena en 100.000 Luftballons...
En terwijl ik op zoek was naar dat Duitse liedje viel ik op "Als de dag van toen" maar gezongen door de originele auteur Rainard Mey en de tranen stroomden over mijn wangen.
Wat een herinneringen !
En zovelen die er niet meer zijn om die herinneringen met ons te delen!
Spijtig, zo spijtig.
dienst wederom dienst
Het is ver gekomen met onze integratie.
Deze week is een landbouwer-buur de tractor van Jan komen lenen.
Jawel.
Jan's tractor.
Zijn trots, zijn pracht en praal, zijn strijdros waarop hij zo fier als een pauw door hoog en laag tuft in onze vallei.
De tractor glimt en glanst.
Hij wordt met liefde verzorgd.
Hij wordt dan ook zeker niet uitgeleend...aan om het even wie.
Want Philippe Compan is een gevestigde boer, vroeger garagist, dus hij weet alles van automekaniek en sinds een aantal jaren ook van tractoren.
Maar zie, zijn tractors zijn te breed om tussen de maïs te rijden en vandaar zijn vraag aan Jan.
"Naturellement Philippe!".
Dat is eens iets anders als "Neen!".
En dus kwam Philippe de tractor halen met één van zijn werklieden.
Toen ik 's morgens naar het dorp reed was het een vreemd gezicht van een andere man dan Jan op een andere plaats dan onze vertrouwde vallei te zien rondrijden tussen de hoge maïs.
Ik vond dat tractortje plots zo klein!
En de volgende dag kwamen ze hem terugbrengen, Philippe en de werkman: " Il veut acheter votre tracteur!" lachte Philippe ons toe.
"25.000 EURO" ,zei Jan .
"Que ça ? Non merci!" antwoordde de werkman.
Ze hadden de tractor gewassen en hij blonk in de volle zon.
Jan was tevreden.
En tegelijk blij dat hij eens iets nuttigs had kunnen terugdoen voor de vriend landbouwer-buur.
Zo gaat dat hier. Je wordt geholpen en je helpt .
Gratis.
Vanzelfsprekend.
"Of ze een aperootje bleven consumeren?"
"D'accord"
Want dat hoort er ook bij.
Philippe vroeg of we wat courgettes wilden?
"Een paar" zei Jan.
Resultaat : twee kisten.
En ik die dacht dat al mijn conserven gemaakt waren. Mijn reservekot staat ondertussen vol.
Ik kan tegen een paar maanden koude oorlog.
Voor die mannen zit het werk erop. Het mijne kan weer beginnen !
Deze week is een landbouwer-buur de tractor van Jan komen lenen.
Jawel.
Jan's tractor.
Zijn trots, zijn pracht en praal, zijn strijdros waarop hij zo fier als een pauw door hoog en laag tuft in onze vallei.
De tractor glimt en glanst.
Hij wordt met liefde verzorgd.
Hij wordt dan ook zeker niet uitgeleend...aan om het even wie.
Want Philippe Compan is een gevestigde boer, vroeger garagist, dus hij weet alles van automekaniek en sinds een aantal jaren ook van tractoren.
Maar zie, zijn tractors zijn te breed om tussen de maïs te rijden en vandaar zijn vraag aan Jan.
"Naturellement Philippe!".
Dat is eens iets anders als "Neen!".
En dus kwam Philippe de tractor halen met één van zijn werklieden.
Toen ik 's morgens naar het dorp reed was het een vreemd gezicht van een andere man dan Jan op een andere plaats dan onze vertrouwde vallei te zien rondrijden tussen de hoge maïs.
Ik vond dat tractortje plots zo klein!
En de volgende dag kwamen ze hem terugbrengen, Philippe en de werkman: " Il veut acheter votre tracteur!" lachte Philippe ons toe.
"25.000 EURO" ,zei Jan .
"Que ça ? Non merci!" antwoordde de werkman.
Ze hadden de tractor gewassen en hij blonk in de volle zon.
Jan was tevreden.
En tegelijk blij dat hij eens iets nuttigs had kunnen terugdoen voor de vriend landbouwer-buur.
Zo gaat dat hier. Je wordt geholpen en je helpt .
Gratis.
Vanzelfsprekend.
"Of ze een aperootje bleven consumeren?"
"D'accord"
Want dat hoort er ook bij.
Philippe vroeg of we wat courgettes wilden?
"Een paar" zei Jan.
Resultaat : twee kisten.
En ik die dacht dat al mijn conserven gemaakt waren. Mijn reservekot staat ondertussen vol.
Ik kan tegen een paar maanden koude oorlog.
Voor die mannen zit het werk erop. Het mijne kan weer beginnen !
zaterdag 13 september 2014
lieu dit VERS
Ze zouden rond vijf uur aankomen bij ons in Castelnau.
Ik had ze lang tevoren reeds een plannetje opgestuurd met verschillende reisroutes.
In de zin van "Als je van Cahors komt", "Als je van de autostrade afslag Castelnau-Montratier, Cahors Sud komt", "Als je van Moissac komt", "Als je van Molière komt"...
Het was ondertussen kwart voor zes en Jan stond al te jammeren van "met jouw vrienden is het ook altijd iets" en daarmee moet ik het dan maar doen. Zijn vrienden zijn immers altijd op tijd, vinden altijd de weg, verwittigen steeds als er iets tussengekomen is...je wil het niet weten hoe goed Jan's vrienden wel zijn.
Ik besluit te bellen .
"Ja ik wilde je ook juist bellen!"
"Ja had dat dan gedaan !Waar zijn jullie?"
"Hopeloos verdwaald"
"Iedereen vindt ons met mijn wegbeschrijving, jullie zouden dan de eersten zijn die het niet vinden!"
We lachen wat, maar waar waren ze in godsnaam?
"Ja, het probleem is dat we je juiste adres niet hebben!"
"Pardon? Ik heb het je al een keer of drie opgestuurd!"
"Neen hoor, kijk ik zal het eens voorlezen vanop mijn tablet: Lieu dit Vers. Maar dat is het dan. Naar waar moeten we?"
"Awel dat is de plaatsnaam, Vers"
En toen begon het te dagen in het oosten...
Letterlijk vertaald is ons adres : Plaatsnaam Naar.
Maar naar waar hé? Dat vroegen die vrienden zich af.
Vers is een stadje nabij Cahors waar je lekker kan eten in "La truite dorée", daar niet van. Maar wat ben je ermee als je je afvraagt welk adres je moet bereiken?
We lachten allebei heel hard en ik begon ze uit te leggen hoe ze moesten rijden om tenslotte te beslissen dat ik ze zou gaan oppikken op het pleintje in Castelnau.
En het weerzien was hartelijk.
En Jan vergat dat mijn vrienden niet zo intelligent zijn als de zijne.
En toen we een paar dagen nadien van Molière terugkwamen ontdekten we dat de wegwijzer " Vazérac" verdwenen was en dat ze volgens mijn plannetje daar hadden moeten afslaan. Maar dat konden ze niet vinden want hij was er niet meer.
Wat je hier allemaal meemaakt.
Eenvoudig leven heeft soms ook nadelen.
Ik had ze lang tevoren reeds een plannetje opgestuurd met verschillende reisroutes.
In de zin van "Als je van Cahors komt", "Als je van de autostrade afslag Castelnau-Montratier, Cahors Sud komt", "Als je van Moissac komt", "Als je van Molière komt"...
Het was ondertussen kwart voor zes en Jan stond al te jammeren van "met jouw vrienden is het ook altijd iets" en daarmee moet ik het dan maar doen. Zijn vrienden zijn immers altijd op tijd, vinden altijd de weg, verwittigen steeds als er iets tussengekomen is...je wil het niet weten hoe goed Jan's vrienden wel zijn.
Ik besluit te bellen .
"Ja ik wilde je ook juist bellen!"
"Ja had dat dan gedaan !Waar zijn jullie?"
"Hopeloos verdwaald"
"Iedereen vindt ons met mijn wegbeschrijving, jullie zouden dan de eersten zijn die het niet vinden!"
We lachen wat, maar waar waren ze in godsnaam?
"Ja, het probleem is dat we je juiste adres niet hebben!"
"Pardon? Ik heb het je al een keer of drie opgestuurd!"
"Neen hoor, kijk ik zal het eens voorlezen vanop mijn tablet: Lieu dit Vers. Maar dat is het dan. Naar waar moeten we?"
"Awel dat is de plaatsnaam, Vers"
En toen begon het te dagen in het oosten...
Letterlijk vertaald is ons adres : Plaatsnaam Naar.
Maar naar waar hé? Dat vroegen die vrienden zich af.
Vers is een stadje nabij Cahors waar je lekker kan eten in "La truite dorée", daar niet van. Maar wat ben je ermee als je je afvraagt welk adres je moet bereiken?
We lachten allebei heel hard en ik begon ze uit te leggen hoe ze moesten rijden om tenslotte te beslissen dat ik ze zou gaan oppikken op het pleintje in Castelnau.
En het weerzien was hartelijk.
En Jan vergat dat mijn vrienden niet zo intelligent zijn als de zijne.
En toen we een paar dagen nadien van Molière terugkwamen ontdekten we dat de wegwijzer " Vazérac" verdwenen was en dat ze volgens mijn plannetje daar hadden moeten afslaan. Maar dat konden ze niet vinden want hij was er niet meer.
Wat je hier allemaal meemaakt.
Eenvoudig leven heeft soms ook nadelen.
Abonneren op:
Posts (Atom)



















