Terwijl ik mijn koperen kookpotten aan het afwassen was dacht ik terug aan die dag dat een man zich aan onze deur bevond om ons een set keukenmateriaal te verkopen.
Men zegge en schrijve 1985 ,in Reet ,waar we zo'n twee jaar gewoond hebben vooraleer een huis te kopen in Boechout.
We hadden nauwelijks potten en pannen, of ze waren zo aftands-nog van onze periode op kot in Brussel- dat we zeker nieuwe konden gebruiken.
Onze financiën hadden net een boost gekregen en geloof het of niet, we lieten de man binnen.
"Wie doet dat nu ?", denken jullie.
Wel wij hebben het toen gedaan.
En daar heb ik ook nog geen minuut spijt van gehad, want na 29 jaar gebruik ik ze nog altijd.
Vier kookpotten, mét deksel.
Onverslijtbaar.
Niks brandt er in aan en indien dat toch zou gebeuren, dan krijg je ze toch schoon.
Straf.
Ooit zag ik dezelfde potten staan op een kookbeurs en de prijs was de hoogte in gegaan! Niet te doen.
Was ik blij dat ik die venter ook blij gemaakt had die dag.
Maar misschien had het wel een onderliggende reden hoor dat ik de man binnenliet.
In het laatste jaar rechten gaf Professor De Vroede ons twee vakken : De cheque ( in onbruik geraakt een paar jaar nadien, maar hier in Frankrijk nog altijd dagelijks in gebruik- zo zie je maar dat alles een reden heeft in het leven) en nijverheidswetgeving.
Op het eerste vak behaalde ik 18/20. De meeste medestudenten leenden trouwens mijn spiraalschriftje met de samenvatting van de cursus.
Maar voor het tweede vak - mijn allerlaatste examen van de vijfjarige studie- één week voor mijn huwelijk ! - faalde ik met evenveel glans.
Daar zat ik dan voor die echt vriendelijke professor. Hij verwachtte waarschijnlijk veel van zijn jonge studente die zo'n goed cijfer behaald had een paar weken voordien met zijn andere cursus...
Niets, maar dan ook niets kon ik me herinneren van het lijvige groene boek.
"Leurhandel" jammerde hij tenslotte...
Maar ook dat deed geen belletje rinkelen.
De professor zei me dat ik naar huis kon en 's namiddags mocht terugkeren nadat ik een paar uren gerust zou hebben.
Kan je innemender zijn?
Op de terugweg naar mijn kot was ik zodanig overstuur en in gedachten verzonken dat ik een aanrijding had en door al de in te vullen paperasserij mocht ik bijna stante pede terug naar de universiteit om het examen te gaan afleggen zonder rustpauze ingelast te hebben.
Terug bij de prof was het al niet veel beter en hij gaf me het voordeel van de twijfel, een 8.
Ik voelde me ellendig maar o zo dankbaar en ik was tenslotte geslaagd in het laatste jaar .
Was het daarom dat ik me 6 jaar later zo schuldig voelde toen die venter aan de deur stond en ik het trauma van de "leurhandelaar" niet kon aanzien...
En dat ik als om het goed te maken die vier koperen pannen gekocht heb?
In elk geval heb ik geluk gehad de eerste en de tweede keer, al was het dan met een deur -aan deur verkoper.
Ge moet maar chance hebben in het leven, zeg ik!
(zie ook blog "de cheque" 20 06 2013 )
traduire
vrijdag 19 september 2014
donderdag 18 september 2014
Tabaksambiguïteit
In onze vallei kweekt Philippe Compan tabak.
Hij heeft grote hangars gezet , elk jaar een beetje meer trouwens, om er de tabak in op te hangen om te drogen.
Het is heel complex.
Een kleine tabaksplant ziet er zo uit:
Dat groeit en groeit en wordt besproeid en tenslotte in september wordt de oogst met een speciale tractor afgereden.
Eens in de hangar worden de bladeren verdeeld, de middenste zijn de duurste, de bovenste van een mindere kwaliteit en de onderste de goedkoopste.
En dan drogen ze.
Hieronder zien jullie verse geoogste tabak en jarenlang gedroogde tabak.
Ik vroeg me af waarom er in deze tijd nog zoveel tabak wordt geplant?
"Subsidies" antwoordde Philippe, "veel subsidies" !
Hoe kan dat nu toch, in een wereld waar elke roker bekeken wordt of hij blaast cholera in ons gezicht. Op elk pakje staat "DODELIJK" ...
Maar Europa, die subsidieert.
Zouden vele mensen dat wel beseffen?
In wat voor een wereld leven wij eigenlijk?
Hij heeft grote hangars gezet , elk jaar een beetje meer trouwens, om er de tabak in op te hangen om te drogen.
Het is heel complex.
Een kleine tabaksplant ziet er zo uit:
Dat groeit en groeit en wordt besproeid en tenslotte in september wordt de oogst met een speciale tractor afgereden.
Eens in de hangar worden de bladeren verdeeld, de middenste zijn de duurste, de bovenste van een mindere kwaliteit en de onderste de goedkoopste.
En dan drogen ze.
Hieronder zien jullie verse geoogste tabak en jarenlang gedroogde tabak.
Ik vroeg me af waarom er in deze tijd nog zoveel tabak wordt geplant?
"Subsidies" antwoordde Philippe, "veel subsidies" !
Hoe kan dat nu toch, in een wereld waar elke roker bekeken wordt of hij blaast cholera in ons gezicht. Op elk pakje staat "DODELIJK" ...
Maar Europa, die subsidieert.
Zouden vele mensen dat wel beseffen?
In wat voor een wereld leven wij eigenlijk?
woensdag 17 september 2014
Snip
Snipverkouden op één van de warmste dagen van het jaar.
"Les cigales s'éclatent", roepen ze door de radio, "le soleil brûle de ses mille feux !"
Maar ik zit stilletjes binnen een kruiswoordraadsel op te lossen terwijl ik piep en hoest en vooral veel nies en snuit.
De lege zakdoekdozen stapelen zich op.
De vuilnisbak wordt om het uur volgeladen met net wolkjes tissue.
Hij zal niet zwaar zijn deze keer de vuilniszak.
Hier moet je zelf je zakken naar de containers brengen.
En de plastic in de daartoe voorziene bakken gieten.Dat moet dus niet in zakken steken.
Ten ware je in het dorp woont, dan komt de vuilkar langs.
Maar hier niet, té ver van het dorp.
Ook niet erg.
Ik voel de koortsmomenten komen en gaan.
De ene keer 38 °C, de volgende keer 36,8°C...
Zweten en rillen.
En slapen.
En niet zwemmen.
Terwijl Jan vandaag wel drie keer baantjes getrokken heeft.
Maar vanavond is het beter.
Mijn neus is al een paar uur droog gebleven.
Ik hoest nog af en toe.
De koorts is ook weg.
Morgen naar de dokter.
En dan denk ik bij mezelf, in feite overbodig.
Maar gezegd is gezegd en dus zal ik me er maar heen slepen.
Ohhh, vervelend op deze o zo mooie nazomerdag.
Les cigales s'éclatent, de krekeltjes verkreukelen zich.
En ons huisje heet 'Le cigalou', Occitaans voor het "krekeltje".
Morgen beter.
zondag 14 september 2014
Reinhard Mey - Als de dag van toen..
Ik was op zoek naar een plaatje van Hildegarde Knef met het oog op een mooie dag ergens in oktober.
Jan en ik haalden herinneringen op uit onze jeugd.
Op kot luisterden we naar Vragen staat vrij met Lutgarde Siemons en daarna naar Irene Houben.
Man, wat een zalig programma was dat. Wat een stem, wat een zwoele klanken kwamen er uit onze transistors gevlogen.
En alles wat ze draaide, werkelijk alles beviel ons.
Net of ze kende onze smaak, of ze wist wat we juist op dat eigenste moment wilden horen.
Wat was ik fan!
En hoevelen onder ons waren er fan !!!
We deden op een uur tijd de reis rond de wereld , gekluisterd aan dat stomme radiootje.
Hildegarde Knef met Tapätenwechseln, Bram vermeulen, Nana Mouskouri, Jacques Brel, Melina Mercouri met Agapimou of Je te dirais les mots, Frieda Boccara en il y aura 100.000 violons, maar ook Nena en 100.000 Luftballons...
En terwijl ik op zoek was naar dat Duitse liedje viel ik op "Als de dag van toen" maar gezongen door de originele auteur Rainard Mey en de tranen stroomden over mijn wangen.
Wat een herinneringen !
En zovelen die er niet meer zijn om die herinneringen met ons te delen!
Spijtig, zo spijtig.
dienst wederom dienst
Het is ver gekomen met onze integratie.
Deze week is een landbouwer-buur de tractor van Jan komen lenen.
Jawel.
Jan's tractor.
Zijn trots, zijn pracht en praal, zijn strijdros waarop hij zo fier als een pauw door hoog en laag tuft in onze vallei.
De tractor glimt en glanst.
Hij wordt met liefde verzorgd.
Hij wordt dan ook zeker niet uitgeleend...aan om het even wie.
Want Philippe Compan is een gevestigde boer, vroeger garagist, dus hij weet alles van automekaniek en sinds een aantal jaren ook van tractoren.
Maar zie, zijn tractors zijn te breed om tussen de maïs te rijden en vandaar zijn vraag aan Jan.
"Naturellement Philippe!".
Dat is eens iets anders als "Neen!".
En dus kwam Philippe de tractor halen met één van zijn werklieden.
Toen ik 's morgens naar het dorp reed was het een vreemd gezicht van een andere man dan Jan op een andere plaats dan onze vertrouwde vallei te zien rondrijden tussen de hoge maïs.
Ik vond dat tractortje plots zo klein!
En de volgende dag kwamen ze hem terugbrengen, Philippe en de werkman: " Il veut acheter votre tracteur!" lachte Philippe ons toe.
"25.000 EURO" ,zei Jan .
"Que ça ? Non merci!" antwoordde de werkman.
Ze hadden de tractor gewassen en hij blonk in de volle zon.
Jan was tevreden.
En tegelijk blij dat hij eens iets nuttigs had kunnen terugdoen voor de vriend landbouwer-buur.
Zo gaat dat hier. Je wordt geholpen en je helpt .
Gratis.
Vanzelfsprekend.
"Of ze een aperootje bleven consumeren?"
"D'accord"
Want dat hoort er ook bij.
Philippe vroeg of we wat courgettes wilden?
"Een paar" zei Jan.
Resultaat : twee kisten.
En ik die dacht dat al mijn conserven gemaakt waren. Mijn reservekot staat ondertussen vol.
Ik kan tegen een paar maanden koude oorlog.
Voor die mannen zit het werk erop. Het mijne kan weer beginnen !
Deze week is een landbouwer-buur de tractor van Jan komen lenen.
Jawel.
Jan's tractor.
Zijn trots, zijn pracht en praal, zijn strijdros waarop hij zo fier als een pauw door hoog en laag tuft in onze vallei.
De tractor glimt en glanst.
Hij wordt met liefde verzorgd.
Hij wordt dan ook zeker niet uitgeleend...aan om het even wie.
Want Philippe Compan is een gevestigde boer, vroeger garagist, dus hij weet alles van automekaniek en sinds een aantal jaren ook van tractoren.
Maar zie, zijn tractors zijn te breed om tussen de maïs te rijden en vandaar zijn vraag aan Jan.
"Naturellement Philippe!".
Dat is eens iets anders als "Neen!".
En dus kwam Philippe de tractor halen met één van zijn werklieden.
Toen ik 's morgens naar het dorp reed was het een vreemd gezicht van een andere man dan Jan op een andere plaats dan onze vertrouwde vallei te zien rondrijden tussen de hoge maïs.
Ik vond dat tractortje plots zo klein!
En de volgende dag kwamen ze hem terugbrengen, Philippe en de werkman: " Il veut acheter votre tracteur!" lachte Philippe ons toe.
"25.000 EURO" ,zei Jan .
"Que ça ? Non merci!" antwoordde de werkman.
Ze hadden de tractor gewassen en hij blonk in de volle zon.
Jan was tevreden.
En tegelijk blij dat hij eens iets nuttigs had kunnen terugdoen voor de vriend landbouwer-buur.
Zo gaat dat hier. Je wordt geholpen en je helpt .
Gratis.
Vanzelfsprekend.
"Of ze een aperootje bleven consumeren?"
"D'accord"
Want dat hoort er ook bij.
Philippe vroeg of we wat courgettes wilden?
"Een paar" zei Jan.
Resultaat : twee kisten.
En ik die dacht dat al mijn conserven gemaakt waren. Mijn reservekot staat ondertussen vol.
Ik kan tegen een paar maanden koude oorlog.
Voor die mannen zit het werk erop. Het mijne kan weer beginnen !
zaterdag 13 september 2014
lieu dit VERS
Ze zouden rond vijf uur aankomen bij ons in Castelnau.
Ik had ze lang tevoren reeds een plannetje opgestuurd met verschillende reisroutes.
In de zin van "Als je van Cahors komt", "Als je van de autostrade afslag Castelnau-Montratier, Cahors Sud komt", "Als je van Moissac komt", "Als je van Molière komt"...
Het was ondertussen kwart voor zes en Jan stond al te jammeren van "met jouw vrienden is het ook altijd iets" en daarmee moet ik het dan maar doen. Zijn vrienden zijn immers altijd op tijd, vinden altijd de weg, verwittigen steeds als er iets tussengekomen is...je wil het niet weten hoe goed Jan's vrienden wel zijn.
Ik besluit te bellen .
"Ja ik wilde je ook juist bellen!"
"Ja had dat dan gedaan !Waar zijn jullie?"
"Hopeloos verdwaald"
"Iedereen vindt ons met mijn wegbeschrijving, jullie zouden dan de eersten zijn die het niet vinden!"
We lachen wat, maar waar waren ze in godsnaam?
"Ja, het probleem is dat we je juiste adres niet hebben!"
"Pardon? Ik heb het je al een keer of drie opgestuurd!"
"Neen hoor, kijk ik zal het eens voorlezen vanop mijn tablet: Lieu dit Vers. Maar dat is het dan. Naar waar moeten we?"
"Awel dat is de plaatsnaam, Vers"
En toen begon het te dagen in het oosten...
Letterlijk vertaald is ons adres : Plaatsnaam Naar.
Maar naar waar hé? Dat vroegen die vrienden zich af.
Vers is een stadje nabij Cahors waar je lekker kan eten in "La truite dorée", daar niet van. Maar wat ben je ermee als je je afvraagt welk adres je moet bereiken?
We lachten allebei heel hard en ik begon ze uit te leggen hoe ze moesten rijden om tenslotte te beslissen dat ik ze zou gaan oppikken op het pleintje in Castelnau.
En het weerzien was hartelijk.
En Jan vergat dat mijn vrienden niet zo intelligent zijn als de zijne.
En toen we een paar dagen nadien van Molière terugkwamen ontdekten we dat de wegwijzer " Vazérac" verdwenen was en dat ze volgens mijn plannetje daar hadden moeten afslaan. Maar dat konden ze niet vinden want hij was er niet meer.
Wat je hier allemaal meemaakt.
Eenvoudig leven heeft soms ook nadelen.
Ik had ze lang tevoren reeds een plannetje opgestuurd met verschillende reisroutes.
In de zin van "Als je van Cahors komt", "Als je van de autostrade afslag Castelnau-Montratier, Cahors Sud komt", "Als je van Moissac komt", "Als je van Molière komt"...
Het was ondertussen kwart voor zes en Jan stond al te jammeren van "met jouw vrienden is het ook altijd iets" en daarmee moet ik het dan maar doen. Zijn vrienden zijn immers altijd op tijd, vinden altijd de weg, verwittigen steeds als er iets tussengekomen is...je wil het niet weten hoe goed Jan's vrienden wel zijn.
Ik besluit te bellen .
"Ja ik wilde je ook juist bellen!"
"Ja had dat dan gedaan !Waar zijn jullie?"
"Hopeloos verdwaald"
"Iedereen vindt ons met mijn wegbeschrijving, jullie zouden dan de eersten zijn die het niet vinden!"
We lachen wat, maar waar waren ze in godsnaam?
"Ja, het probleem is dat we je juiste adres niet hebben!"
"Pardon? Ik heb het je al een keer of drie opgestuurd!"
"Neen hoor, kijk ik zal het eens voorlezen vanop mijn tablet: Lieu dit Vers. Maar dat is het dan. Naar waar moeten we?"
"Awel dat is de plaatsnaam, Vers"
En toen begon het te dagen in het oosten...
Letterlijk vertaald is ons adres : Plaatsnaam Naar.
Maar naar waar hé? Dat vroegen die vrienden zich af.
Vers is een stadje nabij Cahors waar je lekker kan eten in "La truite dorée", daar niet van. Maar wat ben je ermee als je je afvraagt welk adres je moet bereiken?
We lachten allebei heel hard en ik begon ze uit te leggen hoe ze moesten rijden om tenslotte te beslissen dat ik ze zou gaan oppikken op het pleintje in Castelnau.
En het weerzien was hartelijk.
En Jan vergat dat mijn vrienden niet zo intelligent zijn als de zijne.
En toen we een paar dagen nadien van Molière terugkwamen ontdekten we dat de wegwijzer " Vazérac" verdwenen was en dat ze volgens mijn plannetje daar hadden moeten afslaan. Maar dat konden ze niet vinden want hij was er niet meer.
Wat je hier allemaal meemaakt.
Eenvoudig leven heeft soms ook nadelen.
donderdag 11 september 2014
La faute à Helmut
"C'est la faute à Helmut" zei Paul Frédérique Casset , monsieur Météo voor trouwe lezers van de blog.
En Helmut is een anticycloon die komt overgewaaid vanuit Spanje en die zorgt voor een warme luchtstroom.
Een heel warme luchtstroom want sinds een week tekenen we hier tussen de 28 en 30 graden en zelfs meer op overdag.
Het zwembad is een luxe die we niet meer zouden kunnen missen.
En het leuke aan een Indian Summer is dat het 's avonds en 's morgens lekker fris is, zodat het huis in korte tijd goed kan afkoelen .
In de zomer is dat minder het geval.
En dus slapen we goed en zijn we goedgezind.
Maar, alles heeft een keerzijde : we spoken hier niet veel uit overdag.
Ik denk dat ik op mijn twee handen kan tellen hoeveel keer ik in mijn leven gezonnebaad heb. Ik haat liggen niksen in de hitte. Ik moet iets om handen hebben. Dat mag eneen boek zijn, een spelletje, een kruiswoord,een gesprek, maar niet zomaar liggen te liggen.
En toch heb ik dat de afgelopen week al twee keer gedaan en sta ik naar mezelf te kijken van "hoe doe je het?".
En al is het maar 20 minuten ( mijn niks liggen niksen in de zon blijkt toch enigszins beperkt in duurtijd), ik zuig de warmte van de septemberzon op in al mijn porieën.
Het doet deugd.
Als een salamander of een hagedis...alhoewel die vergelijkking niet opgaat of ik zou best van een reuzeëxemplaar moeten spreken .
En septembermaand betekent ook wijnmaand. Dus trokken we met een stel goede vrienden naar Cahors om eerst een té zonnig terrasje te doen en daarna in de grote handelszaken de karretjes vol te laden met "heel goede", "nog betere", "superwijn".
Voor een habbekrats.
Maar dan koop je zoveel dat je weer een bom geld kwijt bent.
We zullen het ook nooit leren, vrees ik.
Voilà, we zijn weer voorzien van eten en drinken.
En waarschijnlijk moet het beste nu nog komen.
Dank zij Helmut.
In Canada sneeuwt het schreef een andere Belg die daar woont.
Slechte keuze zou ik zeggen!
En Helmut is een anticycloon die komt overgewaaid vanuit Spanje en die zorgt voor een warme luchtstroom.
Een heel warme luchtstroom want sinds een week tekenen we hier tussen de 28 en 30 graden en zelfs meer op overdag.
Het zwembad is een luxe die we niet meer zouden kunnen missen.
En het leuke aan een Indian Summer is dat het 's avonds en 's morgens lekker fris is, zodat het huis in korte tijd goed kan afkoelen .
In de zomer is dat minder het geval.
En dus slapen we goed en zijn we goedgezind.
Maar, alles heeft een keerzijde : we spoken hier niet veel uit overdag.
Ik denk dat ik op mijn twee handen kan tellen hoeveel keer ik in mijn leven gezonnebaad heb. Ik haat liggen niksen in de hitte. Ik moet iets om handen hebben. Dat mag eneen boek zijn, een spelletje, een kruiswoord,een gesprek, maar niet zomaar liggen te liggen.
En toch heb ik dat de afgelopen week al twee keer gedaan en sta ik naar mezelf te kijken van "hoe doe je het?".
En al is het maar 20 minuten ( mijn niks liggen niksen in de zon blijkt toch enigszins beperkt in duurtijd), ik zuig de warmte van de septemberzon op in al mijn porieën.
Het doet deugd.
Als een salamander of een hagedis...alhoewel die vergelijkking niet opgaat of ik zou best van een reuzeëxemplaar moeten spreken .
En septembermaand betekent ook wijnmaand. Dus trokken we met een stel goede vrienden naar Cahors om eerst een té zonnig terrasje te doen en daarna in de grote handelszaken de karretjes vol te laden met "heel goede", "nog betere", "superwijn".
Voor een habbekrats.
Maar dan koop je zoveel dat je weer een bom geld kwijt bent.
We zullen het ook nooit leren, vrees ik.
Voilà, we zijn weer voorzien van eten en drinken.
En waarschijnlijk moet het beste nu nog komen.
Dank zij Helmut.
In Canada sneeuwt het schreef een andere Belg die daar woont.
Slechte keuze zou ik zeggen!
woensdag 10 september 2014
De mooiste dag van zijn leven !
Zaterdagmorgen trouwde Aude's schoonzus en schoonbroer en ik reed dus met Gustje in zijn buggy naar het gemeentehuis van Boechout.
Ik heb niet veel foto's genomen, want als ik de batterij professionele ne niet-professionele fotografen zag opdagen heb ik me wijselijk op de achtergrond gehouden.
Jan nam enkele beauties moet ik zeggen .
Gustje wordt een flink baasje.
Alle goeie eigenschappen schijnt hij van vaderskant te hebben, indien we de moemoes en de vavas mogen geloven.
En zijn slechte kanten, tja, die herken ik noch in mij, noch in Aude, nog aan haar vaders'kant.
Maar ik gun hen het voordeel van de twijfel.
Hij zal nog zo erg veranderen.
Neen, mijn fotografisch ook viel dan weer op mijn kind, die er adembenemend uitzag in haar jaren 50 look , met croco handtas en al.
Ik herinnerde me hun trouw drie jaar geleden , zeker toen we 's avonds een stuk van het avondfeest meemaakten, op dezelfde locatie, met de helft dezelfde mensen en de andere helft Zeeuwen, ook een ras apart !
Ze zongen het Zeeuwse volkslied en trachtten ons te overtuigen dat Friesen en Zeeuwen geen Hollanders zijn, neen, zij zijn Friesen en Zeeuwen.
De liters rosé en rode wijn uit het ons welbekende zuidwesten vloeiden rijkelijk , Jan en ik hielden het sober want we brachten de grootmoeder terug naar huis en zouden de jonge babysits aflossen rond middernacht en terug thuisbrengen.
Maar Stienus die kon er wel van genieten.
"Ja onze trouwdag dat was toch de mooiste dag van ons leven hé Stienus?", vroeg Aude aan haar man .
" De mooiste dag van mijn leven was de dag dat ik mijn schoonmoeder ontmoette" lachte mijn schoonzoon.
En geloof me, zelfs al was het plagerig bedoeld, ik was erdoor ontroerd !
Echt !
Wat rosé uit het zuidwesten allemaal niet vermag.
Ik heb niet veel foto's genomen, want als ik de batterij professionele ne niet-professionele fotografen zag opdagen heb ik me wijselijk op de achtergrond gehouden.
Jan nam enkele beauties moet ik zeggen .
Gustje wordt een flink baasje.
Alle goeie eigenschappen schijnt hij van vaderskant te hebben, indien we de moemoes en de vavas mogen geloven.
En zijn slechte kanten, tja, die herken ik noch in mij, noch in Aude, nog aan haar vaders'kant.
Maar ik gun hen het voordeel van de twijfel.
Hij zal nog zo erg veranderen.
Neen, mijn fotografisch ook viel dan weer op mijn kind, die er adembenemend uitzag in haar jaren 50 look , met croco handtas en al.
Ik herinnerde me hun trouw drie jaar geleden , zeker toen we 's avonds een stuk van het avondfeest meemaakten, op dezelfde locatie, met de helft dezelfde mensen en de andere helft Zeeuwen, ook een ras apart !
Ze zongen het Zeeuwse volkslied en trachtten ons te overtuigen dat Friesen en Zeeuwen geen Hollanders zijn, neen, zij zijn Friesen en Zeeuwen.
De liters rosé en rode wijn uit het ons welbekende zuidwesten vloeiden rijkelijk , Jan en ik hielden het sober want we brachten de grootmoeder terug naar huis en zouden de jonge babysits aflossen rond middernacht en terug thuisbrengen.
Maar Stienus die kon er wel van genieten.
"Ja onze trouwdag dat was toch de mooiste dag van ons leven hé Stienus?", vroeg Aude aan haar man .
" De mooiste dag van mijn leven was de dag dat ik mijn schoonmoeder ontmoette" lachte mijn schoonzoon.
En geloof me, zelfs al was het plagerig bedoeld, ik was erdoor ontroerd !
Echt !
Wat rosé uit het zuidwesten allemaal niet vermag.
dinsdag 9 september 2014
de mammies
Woensdag was ik dus de babysit van dienst.
's Woensdags houdt INgrid immers Gustje bij en nu was ze volop in de weer met de voorbereidingen van haar dochters'huwelijk zaterdag jongstleden.
Jan bezocht zijn aloude vrienden , waarvan de meeste of op reis of naar een begrafenis waren en anderen weinig tijd hadden om onderuit te zakken gezien hun drukke bezigheden...
Ik?
Maar ik had niets anders te doen dan Gustje bezig te houden, in het oog te houden, te corrigeren, te herpakken, te bewonderen, te applaudisseren als hij vroeg om op het potje te gaan - wat trouwens heel goed lukt- en weer te vermanen, aan te manen, te verontschuldigen, te knuffelen, te fotograferen en in bed te leggen na al die "bemoeienissen' mijnentwege.
Ik zou 's morgens mijn zus opzoeken die ook 's woensdags op haar kleinzoon past.
Samen uitgebreid brunchen. Ze weet wat ik graag lust : filet américain préparé-onvindbaar in de sudouest- , grijze garnaalsla - al even onvindbaar in dit zuidwestelijk deel van Frankrijk-, salami met truffel - en dan nog beweren dat Vlaanderen in een crisis zit !?- en al wat iemand die ver weg is van huis wel zou kunnen missen, gaande van malse sandwiches ( hier bestaat dat ook maar die zijn gesuikerd en dat is eerlijk waar verschrikkelijk slecht als je er een ei op doet) tot vloerkes, boterpistolets, keizerkes, bruine pistolets, bruin brood en zeker wit boerenbrood....dat allemaal voor een paar man!!! Niet te doen.
Gustje ging dus mee in zijn buggy en na een poosje ging hij op de zetel liggen en bekeek hij een video, terwijl Leon naast hem in de zetel zat. Leon is nog een baby en hij legde zijn armpje rond Leons'schouder terwijl hij hem een zoentje gaf " Da's een lieve!",zei Gustje.
dus dat zat goed.
Na de middag zijn we een lange wandeling gaan doen, waarbij mijn zus me bijna bij elk huis tekst en uitleg kon geven van wie er woonde, of ik dat nog wel wist, wat er van die mensen geworden was, met hun kinderen enz enz enz...Verrijkend. Een hele update van de bewonders van Hove en Boechout waar we tenslotte waren beland.
"Mis je dat allemaal niet"? vroeg mijn zus en ik zag echt dat het voor haar duidelijk was dat dat wel zo zou zijn en vooral dat ze zeer verbaasd was van mijn duidelijke "Bah neen!" te horen. Neen ze kan daar niet bij en in feite verschiet ik telkens weer van mezelf. Neen ik mis dat niet. En dat is best vreemd, maar waar.
Menigmaal werden we aangesproken door kennissen en buren van vroeger: de Ronny, den Hugo, Fredje, Cynthia, we konden het bijna niet geloven hoeveel bekenden we die dag op onze herontdekkingsreis gepasseerd zijn.
We liepen verder door naar de California, wat een leuke plaats is om iets te gaan drinken, ware het niet dat dat geen goede plaats is om Gustje met zijn bal te laten rondlopen...recht de straat op.
"En de Jongste Telg"?, stelde ik voor.
"Goed idee! Ik vraag Olga om met haar bromfiets de fruitpap van de Leon te brengen"
Zo gezegd zo gedaan.
Ik heb me 2 x vergist van ingang bij Sint Mathildis alwaar ik dacht een binnenweg te herkennen...om tenslotte aan te komen waar we moesten zijn, met schommel, zandbak, springkasteel en al en waar zowel Olga als Jan ons komen vervoegen zijn.
Ik had een opplooibaar potje bij zodat Gust ook daar zijn training kon verder zetten.
En hij voetbalde wat met de grote jongens en daarna met Jan.
Moe maar voldaan keerden de twee mamies huiswaarts en beseften we dat we ook groottante geworden waren en daar konden we niet van over.
's Woensdags houdt INgrid immers Gustje bij en nu was ze volop in de weer met de voorbereidingen van haar dochters'huwelijk zaterdag jongstleden.
Jan bezocht zijn aloude vrienden , waarvan de meeste of op reis of naar een begrafenis waren en anderen weinig tijd hadden om onderuit te zakken gezien hun drukke bezigheden...
Ik?
Maar ik had niets anders te doen dan Gustje bezig te houden, in het oog te houden, te corrigeren, te herpakken, te bewonderen, te applaudisseren als hij vroeg om op het potje te gaan - wat trouwens heel goed lukt- en weer te vermanen, aan te manen, te verontschuldigen, te knuffelen, te fotograferen en in bed te leggen na al die "bemoeienissen' mijnentwege.
Ik zou 's morgens mijn zus opzoeken die ook 's woensdags op haar kleinzoon past.
Samen uitgebreid brunchen. Ze weet wat ik graag lust : filet américain préparé-onvindbaar in de sudouest- , grijze garnaalsla - al even onvindbaar in dit zuidwestelijk deel van Frankrijk-, salami met truffel - en dan nog beweren dat Vlaanderen in een crisis zit !?- en al wat iemand die ver weg is van huis wel zou kunnen missen, gaande van malse sandwiches ( hier bestaat dat ook maar die zijn gesuikerd en dat is eerlijk waar verschrikkelijk slecht als je er een ei op doet) tot vloerkes, boterpistolets, keizerkes, bruine pistolets, bruin brood en zeker wit boerenbrood....dat allemaal voor een paar man!!! Niet te doen.
Gustje ging dus mee in zijn buggy en na een poosje ging hij op de zetel liggen en bekeek hij een video, terwijl Leon naast hem in de zetel zat. Leon is nog een baby en hij legde zijn armpje rond Leons'schouder terwijl hij hem een zoentje gaf " Da's een lieve!",zei Gustje.
dus dat zat goed.
Na de middag zijn we een lange wandeling gaan doen, waarbij mijn zus me bijna bij elk huis tekst en uitleg kon geven van wie er woonde, of ik dat nog wel wist, wat er van die mensen geworden was, met hun kinderen enz enz enz...Verrijkend. Een hele update van de bewonders van Hove en Boechout waar we tenslotte waren beland.
"Mis je dat allemaal niet"? vroeg mijn zus en ik zag echt dat het voor haar duidelijk was dat dat wel zo zou zijn en vooral dat ze zeer verbaasd was van mijn duidelijke "Bah neen!" te horen. Neen ze kan daar niet bij en in feite verschiet ik telkens weer van mezelf. Neen ik mis dat niet. En dat is best vreemd, maar waar.
Menigmaal werden we aangesproken door kennissen en buren van vroeger: de Ronny, den Hugo, Fredje, Cynthia, we konden het bijna niet geloven hoeveel bekenden we die dag op onze herontdekkingsreis gepasseerd zijn.
We liepen verder door naar de California, wat een leuke plaats is om iets te gaan drinken, ware het niet dat dat geen goede plaats is om Gustje met zijn bal te laten rondlopen...recht de straat op.
"En de Jongste Telg"?, stelde ik voor.
"Goed idee! Ik vraag Olga om met haar bromfiets de fruitpap van de Leon te brengen"
Zo gezegd zo gedaan.
Ik heb me 2 x vergist van ingang bij Sint Mathildis alwaar ik dacht een binnenweg te herkennen...om tenslotte aan te komen waar we moesten zijn, met schommel, zandbak, springkasteel en al en waar zowel Olga als Jan ons komen vervoegen zijn.
Ik had een opplooibaar potje bij zodat Gust ook daar zijn training kon verder zetten.
En hij voetbalde wat met de grote jongens en daarna met Jan.
Moe maar voldaan keerden de twee mamies huiswaarts en beseften we dat we ook groottante geworden waren en daar konden we niet van over.
maandag 8 september 2014
mijn huis is waar mijn waterbak staat...
Een paar dagen België waar we op Gustje hebben gepast en waar Jan vooral deze keer oude bekenden heeft teruggezien, wat wel mocht na 2,5 jaar afwezigheid en we reppen ons vanmorgen naar madame Danielle Diczy, een kordate Zwitserse dame die naast een dierenkennel ook een opvangcentrum voor allerlei achtergelaten en verwaarloosde dieren met ijzeren hand runt.
"Si c'était le bon moment?" , vroeg ik haar aan de telefoon rond een uur of 9 . Want met haar weet je nooit.
Meestal krijg je immers haar antwoordapparaat te horen dat zegt " Laissez moi votre numéro de téléphone et je vous rappelle VRAIMENT, Vraiment, mais alors VRAIMENT aussi vite que possible".
Wat ze dan gegarandeerd niet doet en waarna je moet terugbellen om weer dezelfde boodschap te horen te krijgen.
Maar allez, ik had chance, het was vroeg genoeg, ze was bereikbaar.
"Oui oui, vous pouvez venir"
Tien minuten later waren we bij haar en hoorden we Spotje al huilen .
Ik riep" Spoddie en Touchie!!!" en madame Diczy werd bijna vooruitgetrokken door twee honden die meer op locomotieven leken dan op een Jack Russel en een Epargneul.
Ja ze hadden het goed gehad, neen ze waren niet vermagerd spijtig genoeg ,maar wat wil je na een paar dagen?
Afgerekend en dan naar huis. Ze kwispelden allebei, hijgden zwaar en toen we de bocht van onze weg indraaiden konden we ze bijna niet meer stil houden, ze hadden hun stal geroken.
"Het eerste wat ze nu gaan doen" , zeg ik tegen Jan " is uit hun waterbak gaan drinken"
"Denk je ?" zei hij.
En ja hoor, na een dolle rush door de tuin, de boomgaard naar beneden en naar boven ( wij zouden er 20 minuten over doen) , gesnuffel hier en daar, recht naar de keuken , waar de waterbak staat.
"Mijn huis is waar mijn Stella staat!", ze hebben het van geen vreemden.
"Si c'était le bon moment?" , vroeg ik haar aan de telefoon rond een uur of 9 . Want met haar weet je nooit.
Meestal krijg je immers haar antwoordapparaat te horen dat zegt " Laissez moi votre numéro de téléphone et je vous rappelle VRAIMENT, Vraiment, mais alors VRAIMENT aussi vite que possible".
Wat ze dan gegarandeerd niet doet en waarna je moet terugbellen om weer dezelfde boodschap te horen te krijgen.
Maar allez, ik had chance, het was vroeg genoeg, ze was bereikbaar.
"Oui oui, vous pouvez venir"
Tien minuten later waren we bij haar en hoorden we Spotje al huilen .
Ik riep" Spoddie en Touchie!!!" en madame Diczy werd bijna vooruitgetrokken door twee honden die meer op locomotieven leken dan op een Jack Russel en een Epargneul.
Ja ze hadden het goed gehad, neen ze waren niet vermagerd spijtig genoeg ,maar wat wil je na een paar dagen?
Afgerekend en dan naar huis. Ze kwispelden allebei, hijgden zwaar en toen we de bocht van onze weg indraaiden konden we ze bijna niet meer stil houden, ze hadden hun stal geroken.
"Het eerste wat ze nu gaan doen" , zeg ik tegen Jan " is uit hun waterbak gaan drinken"
"Denk je ?" zei hij.
En ja hoor, na een dolle rush door de tuin, de boomgaard naar beneden en naar boven ( wij zouden er 20 minuten over doen) , gesnuffel hier en daar, recht naar de keuken , waar de waterbak staat.
"Mijn huis is waar mijn Stella staat!", ze hebben het van geen vreemden.
Abonneren op:
Posts (Atom)
















