traduire

maandag 14 januari 2013

De deur ging altijd open

Nu ik bezig ben met het opstellen van de uitnodigingsbrief voor ons 40 jarig jubileum ( zolang al afgestudeerd aan het Koninklijk Lyceum Aalst) en ik de lijst van medeleerlingen doorloop, sta ik bij elk van hen even stil om me trachten een beeld te maken van hoe ze eruit zagen en wat ik me van hen herinner. Eerlijkheidshalve moet ik al onmiddellijk bekennen dat er sommige mensen zijn die ik me helemaal niet meer herinner, zelfs de naam zegt me niks. Ik panikeer niet ,want uiteraard hebben we de lijsten van Moderne en Klassieke afdeling samengezet, wat maakt dat er sommigen onder hen voor mij nagenoeg onbekenden zijn. Dus, no panic. Anderen zijn overleden,zoals Maria en Linda en die kende ik dan wel vrij goed. Linda ging zelfs met mij een ganse tijd verder op de VUB en werd advokaat. Of Frans, die met mij ook op diezelfde universiteit rechten studeerde en een dom ongeval had bij hem thuis ..ja, er zijn er al een paar niet meer. En dan zijn er al diegenen die ik graag eens zou weerzien om te weten hoe hun leven de laatste tien jaar gelopen is. Want tien jaar geleden hebben we elkaar ook weergezien, anderen waren er dan weer niet bij en misschien nu wel? Mijn eerste lief bvb, Rudy, de enigste jongen op een meisjesschool ...die ik zwaar onrecht heb aangedaan toen ik het na een maandje 'af zei', want feitelijk vond ik het niet zo boeiend om bij één iemand te zitten hand in hand. Ik was eerder een 'bendeleidster',iemand die heel graag heel veel volk rond zich had, die graag plezier maakte en deed lachen. Heel lang dacht ik dat een dag zonder lach een verloren dag was. En dan zijn er diegenen die ik het beste kende en die mij bijzonder goed kennen. Jan zegt het niks een reünie, verloren tijd, zegt hij. Je kent die mensen toch niet meer, hun leven is een gans andere richting uitgegaan, neen, voor hem hoeft het niet. Ik vind dat je er versteld van staat hoe goed juist jeugdvriendinnen je nog kennnen. Hoe goed ze je karakter kennen, hoe ze vergelijken hoe je geworden bent wat je bent. Zo ook Thessa. Thessa woonde in onze straat. Haar vader was longarts en daar moest ik vrij dikwijls heen voor desensibiliseringsinspuitingen tegen allergie. Hij werkte ook in hét hospitaal en zijn assistente was zuster Simonne, een jeugdvriendin van mijn meme. Ze woonden op een boogscheut van elkaar en meme ging haar maandelijks bezoeken in het klooster. Thessa was ook de enigste vriendin waar ik altijd heen mocht van meme. Ik mocht niét naar de bibliotheek,niet naar de muziekschool, niet met de fiets rijden, want ik zou maar eens kunnen verongelukken, of met 'een vreemde' meegaan! Nee maar. Maar naar Thessa mocht ik dus wel. En terwijl ik er zo over zat na te denken, bedacht ik dat ik twee maal kort na elkaar aanbelde, ik hoorde 'hallo?', ik antwoordde 'Gene' en ik hoorde de 'bzz' van de deur die openging. Het was een statisch herenhuis met een imposante ingang waar vroeger de koetsen konden inrijden. Je moest er rechts een paar trapjes op, dan deed ik mijn groene sloffen aan en ging de hele grote eikenhouten trap op, nog vlug roepend 'dag mevrouw' en dan met twee trappen tegelijk de trap op, tot aan Thessa's kamer. Even groot als al de rest met een eigen badkamer. In die tijd was dat de max, bij mijn grootmoeder was er geen badkamer... Ik klopte aan de deur en ging binnen. Thess zat steevast aan haar bureautje en duwde vlug haar lade dicht, zuchtend dat ze nog zoveel huiswerk had. Mijn huiswerk was al lang gedaan, Thessa las liever boeken,vandaar dat ze nog zoveel te doen had... En rond halfacht ging ik weer naar huis. 'Dag mevrouw !' En weg was ik. Maar nooit of te nimmer werd er mij aan de parlofoon gezegd dat Thessa niet thuis was. Nooit. Steeds ging de deur open en als Thessa er niet was, stond mevrouw Goossens bovenaan het trapje en zei ze me heel vriendelijk' Thessa is er niet Gene, kom straks terug '. Ik heb er nooit voor een gesloten deur gestaan en daarom zijn Thessa en haar ouders éen van mijn hele goeie jeugdherinneringen.

zaterdag 12 januari 2013

Alles is een kwestie van perceptie

Alles is perceptie. Hoe ouder ik word, hoe meer me dat opvalt. Mijn herinneringen zijn niet dezelfde als die van mij zussen bvb. De herinneringen aan mijn jeugd komen dikwijls niet overeen met die van anderen. Soms is dit ronduit beangstigend. Ik stel me dan dikwijls de vraag : "hoe kan ik zo verkeerd zijn in de herinneringen aan mijn jeugd?". Net of ik er niet bij was. Of erger, dat Alzheimer nu al toeslaat en ik het echt niet meer weet...Zeker als mijn herinnering van de hand wordt gewezen met zo'n overtuigingskracht , dat je voor minder heel stilletjes wordt en zwijgt en bij jezelf terade gaat van hoe het dan wel in het echt was. Enige verduidelijking is hier op zijn plaats. Toen ik met mijn zus en nichtje onlangs in Keulen was en we heel gezellig ontbeten in een klein hotelletje langs het water, vroeg mijn nichtje " Tante Gene, maar hoe moet ik dat nu zien? Wanneer ging jij dan naar huis, toen je bij meme woonde"? Ik woonde gedurende 17 jaar bij mijn meme en pepe en de andere 4 zusters en broer woonden bij mijn ouders, zo'n 25 km verder. Mijn zus antwoorde onmiddellijk in mijn plaats ( ik ben nochthans een heel vlugge, maar hier was zij me voor !) :" In de weekends natuurlijk !". De stelligheid waarmee ze deze "waarheid" poneerde liet me volkomen perplex staan. Nu ging ik wel soms eens mee naar huis, maar meestal kwamen mijn vader ( al dan niet vergezeld van mijn moeder) en soms alle, soms éen of twee zussen of broer op bezoek bij meme op zondag. Of al eens op vrijdagmiddag toen de apotheek gesloten was en papa langs kwam, bij zijn moeder en dus ook bij mij. Meestal was het zo. Maar in mijn zus'haar herinnering was het bijna nooit zo. Hoe kan zoiets nu, vraag ik me dan af? Anderzijds herinner ik me soms meer details van mijn "thuis" bij mama en papa dan mijn zussen en broer .Alsof ik die -voor mij- geprivilegieerde momenten wou vastankeren in mijn onderbewuste. Dergelijke details herinneren mijn zussen en broer zich dan weer helemaal niet. Misschien slaat mijn rijkelijke fantasie ( Jan's woorden) dan op hol, ik weet het niet. Feit is dat ik zondags om 11 uur naar de mis ging, daarna de 'patekes' ging halen bij de banketbakker, dan naar de 'Molenstraat' ging bij mijn grootooms en groottantes, daar altijd at op zondag, dat we 's middags meestal een uitstap deden, genre Oostende, het Zandtapijt, de bierfeesten, of dat ik al van 's morgens heel vroeg meeging om aan de kerk te gaan staan met een collectebus voor het rode kruis, tante Louise in uniform, ik ernaast. Of dat ik al van zaterdags bij tante Louise bleef slapen ( bij juffrouw Callebout op de Botermarkt, dat was zo sinds de tweede wereldoorlog...), want dat er op zaterdagavond een feetsje was van de bloedgevers mét tombola, of de Oudstrijders, of het NAK ( opgericht door nonkel Georges als reactie tegen het TAK) , of van de Weerstand en dat ik de boodschappen deed voor al die gezinnen die er een hemels plezier in schepten me soms 4 x ( of meer) over en weer te laten gaan tussen de schoenmaker in de Klapstraat, Malago op de Grote markt, de bakker op de Botermarkt, de electriciteitswinkel in de Nieuwstraat,Mouton ( Motonges uitgesproken in het dialect) in de Kattestraat, bij Zwaantjes in 't gat van de markt (sic) en dit alles om me maar bezig te houden. Tante Godelieve kwam ook meestal op zaterdag, met nonkel Julien en Hugo,Greta en Eric. Hugo die ik altijd graag zag komen, even oud als ik . Misschien weet hij het nog en kan hij me uit de nood helpen? Of misschien weten mijn jeugdvriendinnen het nog, Thessa en Mickey met wie ik momenteel druk doende ben om ons 40 jarig jubileum te vieren , 40 jaar afgestudeerd aan het Koninkijk Lyceum Aalst. Ook nog de tijd gekend tot mijn 14 jaar dat we op zaterdagmorgen naar school moesten . En dat de apotheek de ganse dag open was...dus ergens kon ik niet naar huis in de weekdends of men moest me komen halen. Wat mij betreft is er ook geen tussenweg : ik bleef meestal in Aalst en ging soms mee naar Opstal tijdens het schooljaar. In de grote vakantie ging ik meestal één maand met mijn grootooms en tantes mee op reis en de rest was ik aan zee bij mijn moeder en broer en zussen en in Aalst en in Opstal, al naargelang... Maar ik ging zeker niet elk ( ook niet één weekend op twee of drie of vier) naar "huis". Want mijn huis was in Aalst. Maar zie, mijn zus zegt dat het anders is . Alles is nu eenmaal perceptie. Beangstigend. Gewoonweg beangstigend.

donderdag 10 januari 2013

Het was zoals een ontploffing....

Aude,Stienus en Gustje zijn hier een week geweest tijdens de nieuwjaarsperiode. Ik keek er geweldig naar uit,zoals steeds. We hadden nog het babybedje van Rita staan, we zijn het park van de Engelse buren gaan halen, van Céline kreeg ik babyspullen en een heuse babystoel ( genre chicco wat in mijn tijd heel erg in de mode was en nu achterhaald is. Als ik die heerlijk zachte gecapittoneerde stoel vergelijk met de huidige ,heel onconfortabele triptrapstoelen, die heel 'in' zijn, want strak en strak hoort het tegenwoordig te zijń , dan was ik toch liever vroeger een baby dan nu, echt waar) , dus , kortom, bref, ik was klaar voor de invasie. Maar zie, bij de babystoel,het park,het verzorgingskussen, het babybed kwamen ook uit de wagen: een relax, een babybjorn,een maxicosi, een buggy,een sterilisator,babymelk, speciale flessen water ( ander water dan Frans water ?!) ,pampers ,alle babypakjes, tutten, tuttenspelden ,medicamenten,een babybad, een babyverzorgingskussen met plank om over het bad te leggen, een babybord en twee speciale babylepeltjes, nog wat groenten en fruit voor de 'warme maaltijd en de fruitpap', en gelukkig heb ik een thermomix die kan stomen, anders- geen moeite hoor !- hadden ze hun speciaal stoomketeltje ook meegebracht. Oef! Ze hadden natuurlijk ook zakken kleren mee voor hunzelf, en nog wat boodschappen die ik gevraagd had om mee te brengen en zie ,mijn kot stond VOL! Ik denk dat ik alle dagen een machien gewassen heb, getracht heb om Gust eten te geven,wat niet altijd succesvol is, en dan staan kijken vooral naar hoe dochterlief zich bereddert met die kleinzoon! Ze doet dat zo zorgzaam, zo vol empathie, ze bedenkt alle mogelijke redenen waarom Gust weent en is door het dolle heen als hij lacht en/ of schaterlacht. Want dat doet hij ook ,waarbij we allemaal wegsmelten uiteraard. Maar kleine Gust kan vooral heel hard en lang en luid wenen. Waarom, dat is de vraag. Er is helemaal geen reden soms, meestal zelfs... Ingrid, zijn andere oma vertelt dat ze Stienus eens op zolder gezet heeft om eindelijk eens van het gehuil verlost te zijn, misschien is dat dé oplossing voor Aude? Haar nachten zijn bijzonder kort , en op bepaalde momenten zit ze er echt door. Je zou voor minder. En dan is dat nog geen huilbaby hoor mama! Ik mag er niet aan denken. Dus ,ik was heel blij dat ze er waren en dat we samen nieuwjaar hebben kunnen vieren. De week was eens te meer té kort, maar...ik moet toegeven dat ik zo moe was van dat ventje en die ganse uitzet, dat ik ook blij was met het vertrek... Alhoewel ik ze nu ook wel weeral mis, nooit content zeker?

maandag 31 december 2012

31 december 2012

De tafel staat klaar. De hapjes zijn gereed. Het voorgerecht staat in de oven. Het wild is aangebakken en moet enkel nog een tgiental minuten in de oven. De kaas komt eraan. De tarte tatin is klaar. Jan heeft voor de drank gezorgd. Gustje ligt te slapen in zijn relaxje onder de trap. De jongens in de zetel met hun zus en broer. Nog een twintigtal minuutjes en ik trek iets leukers aan. Het was doorwerken vandaag om alles klaar te krijgen. Tweemaal gaan wandelen met dochterlief en Gustje die nu echt schaterlacht en ons allemaal ( inclusief Jan) charmeert en doet smelten met zijn kuiltjes, net als zijn mama. Wat een geluk allemaal samen te mogen zijn. We hebben lekker eten, exquise dranken, het is warm binnen. Er waren cadeautjes waar iedereen blij mee was en niets moet, alles kan. Waaw, dat dit allemaal maar heel lang moge duren. Aan al degenen die me kennen en aan alle lezers, ook degenen die ik niet ken : een lichtvol, maar heel licht 2013!

woensdag 26 december 2012

een "zinvolle kerst"

De Kerstboom Nel had ons gevraagd om dit kerstfeest zin te geven.... Ze is er wel niet en dat vinden we heeeeeeeel spijtig , maar toch zinderde de gedachte door en vandaar een klein stukje over 'de kerstboom' . Midden december zetten we jaarlijks onze kerstboom op, we versieren hem met slingers en veelkleurige bollen. Het is een feestboom, een vreugdeboom. Van waar komt de kerstboom? Wat betekent hij? Wat blijft er over van de traditie? Wat brengt hij ons tegenwoordig? Waarom blijven we die traditie in ere houden? Dat zijn de vragen die ik me heb gesteld en waar ik jullie wil over onderhouden deze middag. Kerstmis terugvoeren naar naar 25 december alleen is niet mogelijk. De boom wordt meestal tevoren opgezet en hij blijft ook meestal staan tot even na Nieuwjaar. De heidense periode van de kerst begint bij Allerheiligen begin november , wordt gevolgd door het winterzonnewendefeest om te eindigen in de kerstnacht. Het feest gaat verder op 1 januari onder de maretak en eindigt op 6 januari, datum waarop het betaamt alle herinneringen van die dagen te verwijderen, de dennennaalden die aan de voet van de boom gevallen zijn op te vegen en te wachten op de zomerzonnewende. De christelijke kerst begint bij de Advent ,die overeenkomt met de vier weken voorafgaand 25 december . In Duitsland wordt op 11 november ST Maarten gevierd en de feestperiode eindigt de tweede zondag in januari , op Driekoningendag. Vele rituelen vieren de overgang van de duisternis naar het licht. Laten we de oorsprong van die rituelen eens van naderbij bekijken. In Rome leidde het feest van Saturnalia naar de winterzonnewende. Deze festiviteiten werden gevierd ter ere van de God Saturnus , de God van de groei , van het zaad en van de wijn, equivalent van de Griekse God Chronos en van zijn vrouw, de Godin van de Aarde Opis. Het waren echte festijnen en de huizen waren versierd met groene planten . De slaven kregen dezelfde rechten als de vrije mensen . De Saturnaliën doelden op de ommekeer van macht : Saturnus gooide zijn vader Uranus van de troon om later op zijn beurt van de troon gestoten te worden door zijn eigen zoon Jupiter. Bij de Kelten , de Germanen, de Slaven vinden we die Saturnaliën ook terug. Na het feest van de doden begin november stelt de mens vast dat de dagen verontrustend lang beginnen worden. Eind december wordt de zonnewende gevierd , feest van het Licht met de hoop op een vernieuwde natuur. In Egypte herdacht men op 6 januari de geboorte van Horus, ook de nieuwe zon genoemd. Nadat Isis vele tranen had vergoten bij de dood van haar man, de zonnegod Osiris , viert ze daarna de geboorte van haar zoon. Het was een moment waarop de zon gevierd werd gedurende 12 dagen. De Katholieke kerk begreep het belang van deze periode en nam gewoonweg al deze heidense feestdagen over . Op 25 december vieren de Christenen de geboorte van Jezus. Deze datum werd heel laat gekozen door Rome. Het was Paus Julius de Ie die in 376 na Christus deze datum uitkoos. Tevoren werd de geboorte van Jezus gevierd op de 6e januari, dag van Driekoningen. 25 December werd ook gevierd door de cultus van Mithra , in die tijd een grote concurrent van de katholieke kerk , die op die dag de Zonnegod vierden, Sol Invictus. Het ging zelfs zo ver dat Rome gewoonweg Jezus uitriep als Sol Invictus, de onoverwinnelijke zon. Het gaat hem dus meer om de viering van het Licht, van de dagen die weer langer worden, van de groei en bloei van alles in de natuur. In de Noorderse landen viert men Yul, en destijds ging men een groot blok hout halen die de meester des huizes tijdens kerstavond in de open haard gooide, er olie , zout en wijn op uitgoot en er werd gebeden. In sommige gezinnen waren het jonge meisjes die de houtblok aanstaken met weefsels van het afgelopen jaar . Eenmaal dat de grote open haarden verdwenen, verdwenen ook die gewoontes. De grote houtblok van weleer maakte plaats voor een veel kleiner exemplaar, waar soms kaarsen op werden gezet en groen en die dan in het midden van de tafel preek, om later de ons alom bekende kerststronk als dessert te worden? Patisserie met groene marsepeinen bladeren en suikerrozen. Dat is één van de oorsprongsverhalen van de kerstboom. Een boom die versierd werd en nadien in brand gestoken werd door de mensen, om zich te doen vergeven door de Goden van wie ze het vuur hadden gestolen. Maar zoals bij elk symbool zijn er meerdere lezingen nodig. Want men vindt de kerstboom ook terug in alle Indo Europese volksstammen. De Grieken en later de heidense ritualen van de zonnewende versierden ook een boom , symbool van het leven , met fruit , bloemen en graan. De eik was bij de Druïden een bij uitstek symbolische boom in oud Gallië . De Kelten vereerden hem en versierden hem met rode gouden appels die het heilige vuur symboliseerden , het leven en de vruchtbaarheid. In de XIe eeuw beelden de Christenen scènes uit van de Mysteriën, waaronder het mysterie van het paradijs . Ze deden dat in het voorhof van de kerk en dikwijls was de boom van het aards paradijs een dennenboom versierd met rode appels. Maar een boom moet het bos niet verstoppen, het kerstbomenbos. Het is in de Elzas dat we dus de oorsprong van onze traditie moeten gaan zoeken. Van in de XVII e eeuw werden de huizen versierd met dennenbomen met kerstdag. De boom werd versierd met snoepgoed, rode appelen en roze papieren rozen, een boom die uit de Vogezen kwam . De boom verzinnebeelde de rijkdom en de geschenken die de natuur ons geeft. Maar vanaf de Xe eeuw versierde men reeds huizen met groene bladeren in de kerstperiode. De katholieke kerk nam de traditie weeral over en introduceerde de kerstboom, immer groene boom, getuige van het eeuwige leven. In de kerk en op kerstavond werd hij boom van kennis, een grote kaars brandde in zijn kruin. Zo werden twee symbolen verenigd : die van het leven en die van het licht. Maar die traditie veroorzaakte dikwijls brand en de kerstboom werd uit de kerk verbannen. Na de oorlog van 1870 werd zijn gebruik veralgemeend, alhoewel de kerk de boom beschouwde als een heidens rituaal . De boom werd dus lange tijd niet meer gebruikt, in Italië, Spanje, landen die heel katholiek zijn. De Angelsaksische landen en de Scandinavische landen hebben daar geen probleem mee en dus werd de kerstboom een essentieel element van het kerstgebeuren. In het zuidelijke halfrond wordt de dennenboom vervangen door de pohutukawa waarvan de rode bloemen ontluiken rond de kerstperiode. In Rusland was de kerstboom verboden want daar voerde men een antireligieuze politiek tot in 1934. Daarna mocht hij enkel staan als symbool van het nieuwe jaar. Hoe het ook zei, als we aan de kerstboom denken, denken we aan pakjes, met versieringen die variëren zoals mode .Er wordt een ster in de kruin geplaatst, voor de Christenen een herinnering aan de ster van Bethlehem die de drie koningen de weg getoond heeft, maar die vijfpuntige ster is ook symbool van de volmaakte mens. ( Da Vinci) Dus is het bijna niet mogelijk van kerstmis te spreken zonder te spreken over cadeautjes, eerst opgehangen aan de boom zelf, om later bont gekleurde pakjes te worden die onder de kerstboom worden geplaatst. Op het einde van de Saturnalia feesten hadden de Romeinen ook de gewoonte van pakjes uit te delen, vooral aan de kinderen. Tegelijkertijd offerde men aan de godin Stenia in Rome in hout uitgesneden voorwerpen, strenae genaamd. ( étrennes) . Deze voorwerpen werden begin januari geofferd , maand ter ere van Janus, de god met de twee gezichten ,één naar achter gekeerd en één naar voren, het verleden en het heden. God van de overgang, hij ziet het licht terugkeren. Onze kerstboom , onze lichtboom, is genereus en nodigt ons uit feest te vieren. Om ons in familie en vriendenkring terug te trekken, om broederlijk samen te komen en het kerstmaal te delen. Het is een moment van het elkaar terugvinden, soms een moment van verbroedering, van uitwisseling, van attenties, van lief zijn voor elkaar, een moment om zijn hart open te stellen, de andere te ontvangen, de eenzame uit te nodigen, degene die vergeten wordt erbij te hebben, om over de afwezige te spreken. Het komt ons individueel en collectief toe de mythe van de lichtboom aan te wakkeren en de natuur en de kennis in harmonie te herleiden. Laat ons dus de kerstboom verlichten, of het nu een boom van vuur is, een boom van leven, van kennis, dat hij schijnt en ons hart verlicht in het diepste van de nacht, laten we de zonnewende vieren, het begin van de overwinning van het licht op de duisternis, laat ons het ST Jan vieren, St Jan de Evangelist, degene die ons een boodschap van hoop en liefde gebracht heeft. Zo zullen we daadwerkelijk kinderen van het Licht worden om een betere wereld te maken en dat onze boom tussen hemel en aarde de boodschapper moge zijn van al onze wensen en onze betrachtingen. Laten we dus het glas heffen op al degenen die ons dierbaar zijn en al degenen die ons dierbaar waren en er niet meer zijn ! Buvons ! Ik heb gezegd . Geneviève 25/12/2012, bij Zwany en Rick, met Jan, Caroline, Constant, Gio en Emilio

kerstinkopen

Maandag was het een drukte van jewelste. Vrienden van Jan zijn komen helpen om de gastenbadkamer te isoleren. Dat was vrij onverwacht en daardoor is mijn planning helemaal in de war geraakt. Want 's morgens zou ik naar de markt in Caussade gaan om bij de plaatselijke slager mijn twee gereserveerde soepkippen te gaan ophalen en nog wat cèpes (eekhoorntjesbrood) en aardappelen enz om vervolgens naar de U-winkel ( Jan bootst mij graag na als ik 'u-winkel ' zeg. Hij vindt 'U' immers genoeg ) te gaan en daar zou het waarschijnlijk wel druk zijn. Inderdaad dus. Parking bijna volledig volzet. Dus stuif ik onmiddellijk naar het viskraam, want de Fransen hier zijn gek op oesters en crevettes en ik had al zo'n vermoeden dat er een lange zij wachtenden voor mij zou staan. Zo geschiedde ! Ik zet mijn verstand op nul en schuif mee aan. Achter mij een ouder koppel. De man zucht bij het zien van de rij voor hem. Hij laat de kar in de steek, de vrouw zucht nu. De man doet teken, hij heeft ietwat verder garnalen in een doos gevonden en vindt waarschijnlijk dat er niet meer moet gewacht worden. Hij blijft grote armbewegingen maken en de mevrouw geeft te kennen dat ze haar kar niet in de steek kan laten want dat ze anders haar plaats verliest. Ik heb het in de gaten en zeg haar dat ze gerust kan gaan kijken, ik zal haar plaats houden. Ik kijk achterom en de jongeman die daar staat knikt lachend dat het ook voor hem goed is. De man toont de doos garnalen aan zijn vrouw, zij schudt meewarrig haar hoofd. Neen, ze moet aanschuiven om losse garnalen te kopen, versere en ze moet trouwens oesters hebben ook.... Ze komt terug en schudt nogmaals haar hoofd. " Ik heb de mijne thuis gelaten", zeg ik. De mevrouw schiet in de lach en ze zegt "tja, soms is dat beter ja, zeker op een dag als deze. " "TJa," zeg ik." Ze duwen eerst je kar, dan zijn ze foetsie en sta jij met de producten in de hand naar hen te wachten, dan komen ze terug met dingen in de kar die je absoluut niet op je boodschappenlijkst hebt staan, als jij iets in je kar stopt vragen ze meteen' we hebben nog mosterd hoor! ' of 'heb je dat echt nodig?' of ook nog ' 't was te peinzen dat je dat zou komen!'. Kortom Leuk ! Ergernis alom" "Dat herken ik helemaal "zegt die mevrouw. "Spijtig dat we niet zonder kunnen hé ?" "Vraiment dommage " zegt ze. Het is aan mij en ik kan verder boodschappen doen. Naar huis rijdend, nogmaals mijn middagactiviteiten en revue passerend: eerst de kippen opzetten, dan aardappelen schillen en puree maken, dan spruiten voor ons kerstmaal vanavond, dan het vispannetje voor morgen, dan de kip etc etc... Thuisgekomen en de mannen zijn bijna klaar. Eens dat zo is moet er uiteraard geklonken worden op de goede afloop van de werken. "Op een rappeke" zegt Wim, want Wim is altijd gehaast. We zitten onder de auvent en ik bedenk dat het toch zalig is hier in het zuiden: 24 december in onze T shirt bij 19°C...en meer moet dat niet zijn. Ik begin te koken en 's avonds kraken we een overheerlijke fles wijn met ons twee. Kunnen jullie geloven dat we allebei om 21.30 u in slaap gevallen zijn op de zetel... Niets te doen hé in het zuiden...

zondag 23 december 2012

Demaciado !

Té veel ! Soms heb ik de indruk dat ik onderhevig ben aan té veel indrukken. Zoveel indrukken dat ik niet weet welke indruk ik zou uitkiezen om erover te schrijven. Indrukken die aan elkaar verbonden zijn of los staan van elkaar. Springend van de hak op de tak, van gevoel naar gevoel ,van mens naar mens, van gebeurtenis naar omstandigheid , van zwart naar wit gaand over grijs uiteraard, want de voegen van de mozaieke vloer zijn het allerbelangrijkst... Zo ben ik een weekje in Belgïe geweest en voor het eerst in lang heb ik dat stil gehouden. Nu Gust er is weet ik immers niet wat er exact van mij verwacht wordt in mijn nieuwe status van 'mamie France'. Is het de bedoeling dat ik Gustje dagelijks naar de oppas breng en hem ook terughaal? Of niet? Of is het een week waarin Gust helemaal niet naar de oppas zal gaan? Zal zijn moemoe hem ook in die week een dagje bijhouden, of neem ik dat over? Zal Aude 's avonds met Stienus eens uitgaan en houd ik Gust ondertussen bij? Kortom, ik wist het niet. Ik wist niet hoe Aude mijn korte week gepland had en wanneer ik vrij zou zijn. Vandaar. Schuldgevoel denk ik achteraf, schuldgevoel dat ik er niet ben om op hem te letten, maar wel beseffend dat indien ik in Belgïe zou gebleven zijn, ik nog zou werken overdag en er toch niet zou zijn voor de kleine man. Vandaar. Stilletjes, heel stiekem naar Belgïe zoals jaarlijks in december, om Dr Becq weer te zien en te hopen dat alles onder controle is op geneeskundig vlak. Maar zie, het verliep vlotter dan verwacht. Gust ging 's morgens naar de oppas met of zonder mij. Hij werd of door mij of niet opgehaald, de moemoe was er , en samen hebben we ook een leuke dag in de stad gehad. Dus heb ik van de gelegenheid gebruik gemaakt om dingen te doen die ik anders niet doe : eens met een andere vriendin afgesproken, naar Keulen geweest met mijn zus en een prachttentoonstelling bezocht van David Hockney, de moeite en aangezien we in de creatieve les op dinsdag volledig in de ban zijn van die kunstenaar was dat een unieke gebeurtenis. 's Avonds lekker bij Aude vertoeven , samen in de zetel , met of zonder Gust. Maar dus is er een tijd vòòr Gust en een tijd nà Gust. En die tijd nà Gust is heel intensief. Het ventje kan bijzonder goed zijn keel openzetten. En dan weet je helemaal niet meer wat doen of beter gezegd dan weet ik helemaal niet meer wat doen. Ik kan me ook niet meer herinneren hoe ik het vroeger deed? Of Aude ook zoveel weende? Ik weet het niet meer. Waarschijnlijk niet, want Ingrid, de andere moemoe herinnert zich wel nog heel goed hoe hard Stienus weende, zo hard dat ze hem op zolder gelegd had tot de buren kwamen bellen om er haar attent op te maken dat haar kind weende...wat ze natuurlijk wel wist... neen, ik weet het niet meer. Wat ik wel nog weet is dat ik heel kleine babys niet zo leuk vind. Leuk is wel als ze je doen smelten met hun lach en Gust kan ook heel goed lachen, schateren zelfs, leuk is ook als ze heel warm en dicht tegen je aan liggen om hun melk op te drinken of gewoon om gewiegd te worden, maar eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik veel liever grotere kinderen heb. Kinderen die er iets uitflappen, of die je boos maken of die je hard doen lachen, iets groter dus en het wordt nog beter. Volgende week komen ze alle drie naar hier en Jan is druk doende met het isoleren van de gastenbadkamer opdat Gustje het warm zou hebben. Zo levert hij ook zijn bijdrage aan het kleine ventje. ZIjn pakje ( zeg maar pak) staat al gereed onder de kerstboom . benieuwd wat hij daarvan zal vinden...

maandag 3 december 2012

koning winter

Toen ik eergisteren naar Caussade reed en benzine tankte, zei de jonge man in het 'betalingskotje' ( je kan hier met bankcontact betalen-meer en meer zelfs- maar op de meeste plaatsen betaal je, zoals bij de Mc Donalds of een andere drive-in , aan het daartoe bestemde loket) " il fait caillant ! Demain il y aura de la neige". Ik kon dat moeilijk geloven, maar er was inderdaad een koudegolf voorspeld. " Si, si madame, demain lorsque vous vous réveillerez, il y aura plein de neige". Zover is het niet gekomen, maar vanmorgen dwarrelde de sneeuw toch in hele kleine vlokjes naar beneden. De sneeuw is niet blijven liggen en heeft plaatsgemaakt voor serieuze regen. En het is heel koud. Ik ben op slag brood beginnen bakken, stel je voor dat je de helling niet kan oprijden en niet naar de bakker kan... Eind deze week komen onze nieuwe Belgische vrienden Marc en Vera en ook Willy en Nicole naar hier afgereisd...naar de kou spijtiggenoeg. Maar Marc wil jagen en Willy is gewoon al lang blij dat hij kan uitrusten, dus de kou zal geen probleem zijn. Winter betekent echter een moeilijke periode , want door ons verwarmingssysteem kan je moeilijk meer dan zes uur weg. En zes uur is al wat lang in feite. We verwarmen met een Behrmann systeem, ook gekend onder de naam 'Polyflamme'. In onze oude , grote Cantou ( je zou in deze open haard kunnen rechtstaan) zit een andere schouw en een bak waarin de houtblokken kunnen naar beneden vallen. Dus , je kan er zowel een open haard van maken of hem gebruiken als houtkachel. Twee roosters laten de lucht binnen en twee roosters bovenaan laten warme lucht circuleren. Het werkt. Maar het is intensief. Jan moet hout zagen op 50 cm ( wordt hier ofwel op 2 meter, ofwel op 1 m geleverd), dat hout met de tractor naar boven brengen, stapelen, 's morgens binnenbrengen....geen sinecure, maar hij doet het ( Jan en de stoof ook uiteraard). We hebben nog een ander kolen-en houtkachel. Ook daar is hout voor nodig en een 'moeder aan de haard' die er op tijd en stond hout opgooit. De stoven branden dus goed, maar vragen veel werk en...produceren heel veel stof. op het einde van de dag zie je op alle meubelen een dun laagje...Pff, vreselijk. Maar Jan is op alles voorzien en dus hebben we veel hout, voor verschillende jaren. Dagelijks is hij daarmee bezig , dat moet gewoonweg, want je kan je niet permitteren van het niet op tijd en stond naar boven te brengen. We denken er aan om een pelletkachel bij te nemen, één die gedurende langer dan één dag zelfstandig kan functionneren. Maar we zijn er nog niet uit. Ondertussen wordt en blijft het HOUT.

zondag 2 december 2012

" De jongens"

Als ik met anderen over " de jongens" spreek , denken ze aan kinderen, schoonzoons, echtgenoten en companen, vrienden en kameraden, maar het komt nooit bij hen op aan 'honden' te denken. Wel, bij ons, ten huize Hellemans-Meunier, zijn "de jongens" de twee honden. Eén Jack Russel die we zo'n 8 jaar hebben. Een hondje dat verschillende nationaliteiten bezit ondertussen, want hij werd geboren in Zeeland bij Ono Tettelaer ( alleen om de naam al wil ik deze ex-collega vernoemen en zijn vrouw Alphonsine ! Onwaarschijnlijk, maar dit geheel terloops) . Dus is het een Hollandse rakker . Dan is hij na zo'n maand of twee verhuisd naar Boechout,België. Om een paar jaar later te emigreren naar Zuid west Frankrijk, en nu een volwaardig Frans staatsburgerhond, geïntegreerd en al , wanr hij loopt zowel everzwijnen als reeën achterna... Van geen kleintje vervaard, geweldig dapper, durft alles, mijn held. De andere is een vijf jaar oude Epargneul Breton. Wreed schoon dier. De liefste hond van de wereld. Zo verwend door zijn "ouders (jawel, wij dus) dat hij in de zetels mag, op de stoel, aan tafel naast ons zit en dat dat heeeeeeel vervelend is als er bezoek komt maar ons absoluut niet stoort als we maar met ons vieren zijn. Toen we hier net kwamen wonen hadden onze buren zo'n hond en ik werd er op slag verliefd op. Een landbouwer in de streek had een nest en vandaar. We zouden hem heel strikt opvoeden. Dat was zeker onze intentie. Maar we zijn heel slecht in opvoeden (van honden voor de duidelijkheid!) , want na 3 weken gehuil en geblaf 's nachts in een bench , heb ik hem volledig hopeloos eruit gelaten, waarna hij zich zuchtend neervleidde op de mat naast mijn bed , denkend ' amai dat heeft lang geduurd!' . Gedaan gehuis, nachtrust eindelijk. Verleden week ging Jan met "de jongens " (dus) wandelen in de vallei en plots schoten ze allebei de gracht in. Grommen en blaffen, en razend zijn en zo. Na een paar seconden kwam Cartouche uit het water en rende aan 100 per uur naar het meer om af te koelen als het ware, van wat hij voor 'monster' hij wel niet gezien had. Ondertussen was Spot nog altijd aan het grommen en blaffen en bijten, zodat Jan echt bang begon te worden van wat er zich in die gracht afspeelde. Gracht, geen grachtje, want de Lupte loopt erdoor heen en dat is toch niet niks... Enfin na een poosje hield Spot het toch maar voor bekeken en kwam hij uit de gracht. Hij doet dat volledig op eigen kracht, wipt elegant uit de beek op het droge , als je dan bedenkt dat hij soms niet op de zetel kan, maar dat je er hem moet inhijsen , want té hoog ....onwaarschijnlijk. Dus , hij komt uit de gracht en Jan blijft nog even staan om te kijken of hij gewond is. Niet dus. Heel verontwaardigd peddelt hij terug naar huis. Tot Jan uit de gracht een jong everzwijn ziet te voorschijn komen. Zo'n zwarte met nog veel bruine tinten.( bruine tinten hé, geen grijze) Hij rent verder en kijkt nog even om, als ware om Jan te verwittigen " Zie dat je je oudste zoon volgende keer in de gaten houdt als ik mijn siësta aan het doen ben"... Cartouche , 4 x groter dan Spot is in de verste verte niet te bekennen. Hetzelfde gebeurt in de zomer. Je hoort gegrom, gebijt, geblaf , je ziet Cartouche helemaal zenuwachtig naar binnen rennen en Spot blijft gevaarlijk lelijk doen buiten: hij heeft een lange veldslang midden door gebeten. Soms brengt hij die dan binnen , als cadeautje, net zoals een poes muizen binnenbrengt als geschenk... Maar er is één iets waar Spot heeeeeeeel bang van is : een geweerschot : dat is erover. Net of hij weet dat als je daardoor geraakt wordt het leven voorgoed voorbij is, daar waar je bij dieren toch een 50/50 kans hebt om te overleven. Cartouche weet zelfs niet waar Spot het over heeft, geen schrik nie van een knal van een tweeloop. Dus samen vormen ze het idelae span. Ze gaan niet mee jagen, want de ene loopt weg en de andere ook maar van het geweerschot. Spijtig hé, het zijn nochtans onze "helden", de jongens...

zaterdag 24 november 2012

Programma

Binnenkort ga ik weer naar België...naar Gustje kijken natuurlijk. Jan heeft een foto van Gustje vergroot en die pronkt nu op mijn bureautje , binnen oogbereik. Ik kijk er dikwijls naar , ik vind dat mijn kleinkind op mij lijkt en terwijl ik dit denk en schrijf moet ik hard lachen. Toen Aude werd geboren had ik niet de indruk dat we op elkaar leken. Nu zeggen de meeste mensen me, als ze een foto van Aude zien of als we samen ergens heengaan " waaw, wat gelijken jullie op elkaar", of nog " jullie kunnen niet wegsteken dat jullie moeder en dochter zijn" , of op de Franse charmante manier " vous êtes soeurs?".... Ik voel me daardoor geflatteerd, want ik vind Aude een mooi kind. Eigen kind, mooiste kind. En nu dus , eigen kleinkind ,mooiste kleinkind. Maar dat ik vind dat die op mij lijkt? En tegelijkertijd vind ik ook dat hij op Stienus lijkt. En vermits Stienus en ik geen familie zijn, kan het toch niet dat hij op ons twee lijkt?.Of wel? Het schattigste vind ik het als Gust lacht. Als ik zijn kuiltjes in zijn wangen zie, net zoals bij zijn mama ( en neen, niet zoals bij zijn Mamie France !). Dat is het leukste. Gustje krijgt sinds kort 'patatjes en worteltjes, of rode biet, of brocoli, of witloof...'. De eerste keer dat hij daarop getracteerd werd , heeft Stienus de beelden vastgelegd op video en dat is echt hilarisch. hij vindt het vreselijk (Gust), trekt verschrikkelijke gezichten. De volgende dag was het al wat beter en deed hij zijn mondje open om 'nog' te krijgen. Hij gaat nu ook drie maal per week naar de pleegmoeder en hij komt er steevast steendood van thuis 's avonds en dan is Aude ongelukkig, droef dat hij niet wakker is en dat ze niet méér van hem kan genieten. Dan maakt ze hem wakker rond 22 uur om hem pap te geven, om hem wakker te zien, maar dan heeft hij weinig honger. Uiteraard ,zei ik tegen Aude, " wat zou jij ervan vinden moest ik je midden in je eerste slaap wakker maken om aardappelen te eten????". Dan moet ze lachen en dan kan ze er weer tegen. Binnenkort ga ik dus weer naar België. En Aude heeft al een volledig wraak-programma voor mij opgesteld : vrijdag op Gust letten, maandag op Gust passen, woensdag samen met Ingrid op Gust passen, donderdag op Gust passen....Hallo! Ik zal even mijn eigen agenda opstellen zie en af en toe eens op Gust passen. Dat zeg ik nu, maar als ik dat ventje dan zie, smelt ik uiteraard. En ik wil hem ook wel eens worteltjes geven...