traduire

donderdag 22 november 2012

Parijs

Toch telkens weer mooi Parijs, de lichtstad.... Eind november zijn de 'vitrines' van de grote magazijnen de blikvanger. Dit jaar vieren de Galeries Lafayette hun honderste verjaardag ( 't kan meer zijn ook !) , vandaar dat de binnenkoepel volledig gerestaureerd is en de moeite waard om te gaan bekijken. Dus hebben we alle verdiepen gedaan, om van dichter of van verder het glaswerk in art nouveau te bewonderen. De kerstboom stond ook al en dus een fotootje. We logeerden in de 'Marais', éen van onze lievelingsplekken .Place des Vosges, ST Paul, Bastille hebben voor ons nog nauwelijks geheimen. We bezochten de Notre Dame ( steeds en telkens weer), L'institut du Monde Arabe waar Jan in de wolken was van de prachtige tentoonstelling en ik op de bovenverdieping een thé à la menthe gourmande verorberde. Jan nam twee koffies achteraf, die duurder bleken dan mijn dessert.... We bekeken een fototentoonstelling in het Hotel de Ville , Paris vu par le cinéma Américain. Jan ging naar Rafaël in het Louvre en naar de nieuwe vleugel over de Islam kunst. We deden het 'chateau de Cluny', middeleeuwse kunst, met onder andere de tapijten van La dame à la licorne . We zijn gaan eten 'chez Paul', zoals steeds in de Rue Charonne. Maar ook bij de Vietnamees, in een visrestaurant waar ik zo'n schaaldierenplateau liet aansleuren, in de Marais zelf bij één of andere Fransoos, kortom het is niet gisteren dat we zullen vermagerd zijn. Op de grote boulevards, in ST Germain des Prés, op de kaden langs de boekenstalletjes, rue de Rivoli, Quai des Orphèvres, in de metro, uit de metro, rue Puteaux voor de kenners , naar een 'salon du livre', ja ook dat nog. Hoeveel kilometers we dus gestapt hebben weet ik niet, maar op het einde van de dag waren we zooooooooo moe dat we nauwelijks nog iets konden zeggen tegen elkaar, en dat gebeurt niet gauw...meestal hebben we stof op overschot. Dus gingen we rond 21.30h slapen , om uiteraard om 3 uur klaarwakker te zijn en te beginnen lezen. In New York zou je bijvoorbeeld de straat op kunnen en een koffie of zo gaan drinken, wat enigszins anders is in Parijs ( het nachtleven buiten beschouwing gelaten natuurlijk). Kortom, het was weer geweldig. Ik hou van Parijs. Altijd al van gehouden. Eventjes langs Hotel Welcome gegaan , waar ik de eerste keer logeerde met mijn moeder, rue de Seine in het Quartier Latin , zeker 35 jaar geleden en daarna met 'de harde kern' , Philippe en Anneke en Ludo, en Guy en Nicole en Leo en... En al die herinneringen die dan terug bovengehaald worden en zoveel mensen die er al niet meer zijn...of gescheiden zijn, of weg zijn, of of of.... En dan plots je naam in koeien van letters op het 'marché des fleurs' zien staan, tja, een Meunier vind je overal nietwaar

donderdag 15 november 2012

Zou het dan toch het weer zijn?

Nicole's huis in België staat te koop. Ze stuurde me enkele foto's van haar prachtwoonst, heel gezellig, met aparte stulpjes her en der , een heel mooie tuin en nu dus een koper vinden. Toen ik de foto's bekeek van het huis dat ik nog nooit in het echt gezien had vroeg ik me af waarom ze dat allemaal zou willen opzeggen om hier in een (ander) verloren gat te komen wonen, lees oud worden. Na wat heen en weer ge-sms, schreef ze gewoon : "het weer". Toen moest ik zo lachen, want het was deze week al vrij koud geweest 's morgens, met rijm op de autoruiten en je kon best de twee kachels verdragen. Dus antwoordde ik haar :"het kan hier best koud zijn hoor, denk er maar eens goed over na". Nicole begon waarschijnlijk al te twijfelen aan haar plan, ware het niet dat het de dag nadien weer zomer was in Castelnau , 24 graden en een gevoel van in de dertig...Eén kachel hebben we ondertussen weer laten uitdoven, niet uit te houden van de warmte. Willy , Nicole's man stuurde me prompt een mail met een foto van zijn stoof " hier is het ook 25 graden : binnen !". De achterdeur staat inderdaad wijd open ,de warmte van de kachel maakt het onuithoudbaar binnen. Dus, tja, misschien is het hier inderdaad toch gewoon een stuk warmer dan noordwaarts en ben ik het ondertussen al goed gewoon geworden. Deze morgen ben ik naar de kapper in Cahors geweest, gewoon in m'n fleece jas. Niks koud inderdaad. En toch is het de 15e november. Dag van de Dynastie, waarop ons koningspaar gehuld in bonten jassen naar het Te Deum gaat. Of 1 november , waarop ik een keer of drie naar het kerkhof in Aalst moest, met mijn bloemstuk, meme's bloempot en Tante Louise's bloemstukje. Daarna verslag gaan doen van wie er allemaal al geweest was en wat voor bloemen ze gekocht hadden. Jean-Paul en Jozef hingen carrément hun adreskaartje op de pot, zodanig dat er geen misverstand zou kunnen ontstaan over wie wat meegebracht had . Dit ter info voor de suikertante. En koud dat dat was. Ik akn me niet herinneren dat het ooit warm was, laat staan 'zacht' op een 1e november . Bevroren kwam je terug van die kerkhof-gang. Dikwijls in de sneeuw. Meestal 0 graden of eronder en dikwijls serieuze vorst met chrysanten die zwart bevroren waren en dus onbetaalbaar als je nog enkele frisse exemplaren wou. De koffie en de patekes van Tante Louise of van meme maakten veel goed en je was er weer voor een jaar vanaf. Maar toch, ik zag er tegen op. Dus, voor de mensen die rondom mij gestorven zijn, geen graf, maar crematie. Weeral een zorg minder. Mijn zus Anne wil een graf. Ik schaterlach terwijl ik dit neerpen. Uiteraard is dat niet grappig, maar het feite dat ik dat zo duidelijk weet maakt het voor mij hilarisch. Ze wil een plek waar men naartoe kan gaan, omdat ze zo graag een plek gehad had voor mama waar ze dan naartoe had kunnen gaan. En ik kan daar inkomen. Maar voor mij hoeft het niet. Ik denk dat die plek gewoon in mijn hart zit . Dus het weer, tja, dat zal het zijn dat ons Belgen en andere wereldburgers hiernaartoe drijft, het weer...en niks meer niks minder dan het weer, toch ?

zondag 11 november 2012

Oude vrienden,nieuwe vrienden,zomervrienden,wintervrienden

In België had ik ook winter- en zomervrienden, mensen die je meer ziet in de zomer of die je juist knus en gezellig bij de kachel ontvangt in de winter.
Jan T.  is zo'n wintervriend, want tijdens de zomermaanden was hij veel op reis, ver op reis, te ver op reis soms.
Hij schrijft me regelmatig en uit ervaring weet ik dat dat zeldzaam is, een vriend die schrijft. Ik heb redelijk wat vriendinnen die schrijven, maar slechts één vriend die dit pleegt te doen en die op die manier de vriendschap in stand houdt.
Jan T. was ook die vriend die ooit , en dan spreek ik van 33 ( jawel, hoogst symbolisch realiseer ik me nu ) jaar geleden , de hoorn van de telefoon neerlegde en zei: " ik wil je zien, nu, ik heb er genoeg van om enkel je stem aan de telefoon te horen, dagelijks, en niet te weten hoe je eruit ziet".
Ik wist niet waar ik het had. Hij was advokaat en dagelijks bespraken we de lopende dossiers en nieuwe zaken beroepsaansprakelijkheid, en die man kon er niet meer tegen geen gezicht op een stem te kunnen plakken. En zie, het verliep vlotjes. Stilletjes aan hadden we meer contact, we gingen bijna maandelijks samen eten, ook toen ik na 17 jaar vertrok naar een andere maatschappij waar hij niet op de lijsten van advokaten voorkwam. We bleven in contact. Ook met zijn vrouw had ik contact, maar toch respecteerde ze die vriendschap en vervoegde ze ons maar af en toe.
Hij vergat ook geen enkele keer mijn verjaardag, bracht bloemen aan huis, jawel, zelfs eenmaal bracht hij de bloemen op het vliegveld toen ik terug kwam uit Denemarken en hij dacht te laat te zijn met zijn wensen.
Kortom, een ongelooflijk preofessioneel contact dat uitgroeide tot vrienschap. Het gebeurt niet vaak.
En nu schrijven we dus. Jan schrijft onzin, surrealistisch gekribbel waar je niet veel wijzer van wordt, grappen, hij heeft precies al mijn brieven en kaarten en foto's bijgehouden, want regelmatig stuurt hij mij  mijn eigen geschrijf terug, soms daterend van twintig jaar geleden ...
Zo heb ik verschillende kaartjes van hem, ondertekend met 'de wintervrienden'.
Hier hebben we ook wintervrienden, dat zijn zij die 's zomers te druk bezig zijn met hun chambres d'hôtes, met hun gîtes, of die hier enkel zijn in de winter.
Als we elkaar dan terug zien heb ik soms de indruk dat die heel lang op reis zijn geweest, want sommige verhalen ken je niet, en omgekeerd.
En natuurlijk zijn er zomervrienden, zij die hier enkel in juli en augustus zijn en de winter laten voor wat het is in het zuiden, meestal omdat hun huis hier niet voorzien is van de nodige verwarming.
Wij hebben ook geen centrale verwarming, we denken na over de meest ecologische manier van verwarmen, maar we zijn er nog niet uit.
Dus momenteel hebben we een hout-en kolenkachel en een Cantou, grote open haard met système Behrmann, brandt op hout en doet het heel goed.
Enigste vereiste: je moet verdomd gezond zijn om dat hout te verzagen, met de tractor naar boven te brengen en elke morgen binnen te brengen. Bovendien kan je zomaar niet een ganse dag weg van huis, je moet nadenken wanneer en ( vooral) tot wanneer je wegblijft, anders moet je het vuur weer aanmaken en aangezien de muren hier superdik zijn kan het serieus afkoelen binnen.
Maar Jan ( de andere Jan) kan dat allemaal, ik niet, vandaar dat we nadenken om er nog een ander systeem op na te houden, problemen voor later.
We hebben ook winter én zomervrienden, zij die er het ganse jaar door zijn, die steeds beschikbaar zijn en die bijna als het ware deel beginnen uit te maken van je gezin. Als er iets te vieren valt denk je onmiddellijk aan hen en zij aan jou, en dat maakt die vriendschap dan weer boeiend. Vrienden van vroeger in België, die je niet vergeten zijn en die regelmatig bellen of mailen. Of klasgenoten die hier ook wonen, jaja, zelfs dat gebeurt. Of zij die nog verder wonen dan ik . Vrienden die hier vrienden geworden zijn en die we vroeger niet kenden. Vrienden van vrienden die onze vrienden geworden zijn. Vrienden die eerst geen vrienden waren en het nadien werden. Franse vrienden, Vlaamse vrienden, Nederlandse vrienden, Engelse vrienden, jachtvrienden, tekenklasvrienden, verenigingsvrienden, buren-vrienden, zelfs vliegtuigpassagiersvrienden, die je een kaartje sturen na een ganse dag tijdens een luchthavenstaking in Blagnac samen doorgebracht te hebben. En allemaal zijn ze anders . En allemaal maken ze deel uit van onze biotoop hier in het zuiden. Maar het doet altijd plezier als iemand die je vroeger gekend hebt op facebook plots de vraag stelt " vrienden worden?" . Beter zou zijn " terug vrienden worden?" Daarom vind ik facebook zo leuk, Jan zegt het niks. Ik vind het leuk omdat ver weg ook dichtbij is soms. Om elkaar weer te vinden , terug te vinden, op te sporen , samen te lachen , of te wenen, om op de hoogte te blijven van iemand zijn leven. Maar evengoed zegt het je dus niks en stuur je kaartjes , zoals Jan T., de enige onvervalste wintervriend, sinds 33 jaar.

vrijdag 9 november 2012

Vol au vent

Gisteren sprak ik af met een vriendin in Cazes-Mondenart, een onooglijk dorpje hier tien kilometer vandaan, om dat er 'foire' was, zei ze.
'Foire' is niet hetzelfde als marché. Marché is de wekelijkse markt waar je groenten en fruit, bloemen en manden, vlees allerhande koopt en foire is dan eerder de maandelijkse markt waarop er ook schoenen en kleren en naaigerief en granen en zaden aangeboden worden in de kleine dorpjes. Want in grotere steden is er wekelijks een grote marché waar je uiteraard veel meer vindt. Er is een mooie markt, twee maal per week in Cahors. Vooral 's zomers leuk en belangrijk, want veel toeristischer dan gedurende de rest van het jaar. In Montauban is er ook wekelijks markt, ook op zaterdag zoals in Cahors en die markt is dan wel meer zuiders getint dan Cahors, veel meer Marokkaanse en Algerijnse kramen, veel meer kruiden, veel volkser.
Wij gaan graag op maandagmorgen naar Caussade. Foire en markt tegelijk en ook 'marché au gras'. Dat zijn dan ganzen en eenden die uitgestald staan mét of zonder lever , grote beesten die echter overheerlijk zijn als confit of rillettes of ook nog fritons. Tja, jullie zullen het moeten komen proeven om te weten waar ik het over heb.
Dat allemaal om uit te leggen waar die foire of de markt op slaat en wat jullie aich daar moeten bij voorstellen.
Ik had dus gehoopt op zo'n kraam of 20 in Cazes-Mondenart. Viel dat even tegen, vijf verkleumde marktkramers, met geitenkaas, groenten, vlees ,vis en dan een kippenkraam.
Aangezien Jan morgen jarig is en ik hem al lang beloofd heb om 'vol au vent' te maken, vroeg ik om een soepkip. Ik had geen idee dat dat gewoon 'une poule' is, en een kip om te braden is 'un poulet'. Dit terloops opdat jullie het ook zouden weten indien jullie echt beslissen om langs hier te komen...
'oh chouette, une poule pour faire du poule au pot' , zegt Pierette, de vriendin in kwestie.
Ah neen zeg ik, ik ga vol au vent maken.
' Qu'est- ce que c'est?', vraagt Pierette.
En voor ik kan antwoorden , begint de marktkraamster een ganse uitleg te geven over wat vol au vent is. Haar schoonvader is immers Vlaming, zegt ze terloops, en ze heeft wel aan mijn accent gehoord dat ik uit het noorden kom.
We lachen samen omdat ik er haar op wijs dat ik aan haar accent hoor dat zij uit het zuiden komt, maar ze is oprecht blij haar kennis van de kippengerechten te kunnen delen en te kunnen rekenen op mijn heftig ja- geknik als blijkt dat ze het allemaal kan uitleggen.
Zo, dat was leuk.
We zouden het daar niet bij laten en een koffie drinken samen . We lopen de straat af, geen café. We vragen aan een voorbijgangster of zij soms weet waar we een koffie kunnen nuttigen?
' Ja hoor, bij de bakker, want het café is in verbouwing'.
We gaan binnen bij de bakker , vragen of we er koffie kunnen krijgen, jazeker!
En de bakkerin sleurt twee stoeltjes naar voor en schuift een piepklein tafeltje tussen ons in. Melk heeft ze niet, maar koffie wel. Twee euro, allez belachelijk goedkoop. Ondertussen komen er klanten om brood, slaan een praatje, spreken ons ook aan, als zijn we meubilair van de zaak.
We nemen afscheid en op weg naar huis herinner ik me de vol au vent van mijn eerste communie, mijn peetoom had het gemaakt met 'sepieten' zei hij. Ik dek dat het cèpes zijn, de grote dure paddenstoelen die je hier vindt.
Of de vol au vent van meme , op feestdagen en de heerlijke rijstsoep die ze maakte van de bouillon.
Of die van mijn zus Anne, ook vermaard tot buiten de contreien.
Ondertussen zijn we een dag verder: de bouillon is rijstsoep geworden, de kip is gepeld, de balletjes in de bouillon gekookt, morgen maak ik de saus met de opgespaarde bouillon en de honden krijgen het vel en de ingewanden, want daar houdt Jan niet van.
Het wordt een reuzeleuke verjaardag, met kippensoep en koninginnehapjes. Echte, van vroeger, we gaan smullen, daar ben ik zeker van.

zaterdag 3 november 2012

Administratiesoap : de stationschef

Het is een echte soap de Franse administratie. De bank, de post, de verzekeringen, de mairie, de thesaurie , de belastingen, de prefecture, de kliniek, de dokter , nu ook : de stationschef .
We trekken een paar daagjes naar Parijs, één van mijn lievelingssteden.
Twee maanden geleden (al) heb ik treintickets besteld via internet, een heel goeie deal, 70  euro per persoon, heen en terug, eerste klas. We vertrekken op vrijdagmorgen en komen terug maandagavond.
Verleden week krijg ik een email : spijtig maar er zijn werken op de lijn en dus stopt de avondtrein niet in Cahors. Kan gebeuren. De rest van de mail is redelijk onbegrijpelijk, zelfs voor de juriste in mij die administratieve contractentaal gewend is ( geweest ) .
Ik besluit naar het station in Cahors te gaan om uitleg en omruil te vragen. Liever dan hopeloos en eindeloos zitten surfen op internet, want dat is ook een brug te ver voor Fransmannen en vrouwen die het liever ingewikkeld uitleggen dan vrij duidelijk in een klare en eenvoudige taal.
Ik verzeker jullie, Walen zijn geen Fransen en leggen veel eenvoudiger en klaarder uit waar ze het over hebben. Fransen niet, die maken er een nationale sport van een eenvoudige brief lees-onklaar te maken voor iedere landsbewoner.
Dus, hop naar het station.
Een heel vriendelijke baliebdiende leest de mail die ik ontvangen heb, bekijkt de tickets die ik besteld heb en vertrekt van haar werkplek naar de stationschef.
Oep, dat betekent niet veel goeds...
De man komt mee en bevestigt me de werken en het feit dat die geboekte trein die avond niet rijdt.
En als ik nu in Montauban op en afstap, vraag ik?
"Ah , vous voulez partir depuis Montauban?"
Neen dus, maar misschien stopt de bewuste trein wel in Montauban?
" ja, als u vanaf Montauban wil reizen, dan neemt u beter de TGV naar Bordeaux en dan naar Parijs"
Neen, neen, het was maar een vraag.
" Neen mevrouw, de treinen stoppen in Brive"
Dat is 110 km van Cahors en dus 140 km van mijn voordeur. Niet dus.
En een ander uur ?
" Enkel de volgende dag om 13.15u"
Ok dan, het kost me wel een nacht hotel meer, maar bon.
" nu luister mevrouw, ik kan u het geboekte ticket niet terugbetalen"
Op dat ogenblik buigt mijn kop zich automatisch naar rechts, mijn gezichtsuitdrukking wordt één groot vraagteken.
Dus, zeg ik, als ik een frigo koop en betaal en bij de levering blijkt dat het door mij gekozen type niet meer beschikbaar is, dan ben ik mijn geld kwijt?
Ik schiet daarbij in een lach en ik betrap er mij op dat ik ook zo eens gelachen heb op mijn Werk toen een administratieve bediende al zuchtend voor een klasseerkast stond. Ik had de manier van klasseren gewijzigd. In plaats van op nummer zouden ze per beheerder klasseren. En dat was voor deze dame kwasi onbegonnen werk. En ik lachte. Ze was zo verontwaardigd dat ze bij mijn baas gaan klagen is dat dat die man me vanaf dan catalogeerde als iemand die geen respect had voor mensen. Ik ben dus voorzichtig geworden, je zou voor minder.
Toch moet mijn houding de chef de gare doen nadenken hebben.
"Mais je vais vous rembourser ,madame, ne vous inquiétez pas!"
Allez vooruit.
Het ticket voor de volgende dag kost wel het dubbel, zegt hij terloops....
Dus 154 euro ipv 70...
En in tweede klas? Vraag ik op de valreep.
Dan is het maar 114 euro.
"De betaalde 70 euro kan ik wel niet in mindering brengen van het door u te betalen bedrag"
Dus eerst stort hij 70 euro op mijn rekening en dan moet ik met mijn bankkaart 114 euro betalen. Eenvoudig toch?
Ik kan me daar zo in ergeren, zo verschrikkelijk in ergeren.
Maar vandaag las ik op facebook dat het regent in Lier en dat het koud is.
En hier schijnt de zon en voorspellen ze 22 graden.
Tja, denk ik dan, je kan niet alles hebben hé?

vrijdag 2 november 2012

Will Tura: 't Is vandaag de eerste schooldag.....

Een echt moederke. Ja, een echt moederke is ze.
Mijn Audeke, wie had dat ooit gedacht?
Vandaag ging ze voor de eerste keer na 4 maanden opnieuw aan het werk bij Le Chapeau in Antwerpen.
Ze werkt er graag. Zoveel is duidelijk. Ze werkt er hard, zoveel is ons ondertussen ook duidelijk geworden.
Maar zie, nu was ze vier maanden thuis en dat was 9 jaar geleden, want Aude werkt al van haar 19e.
En nu heeft ze dus Gustje om voor te zorgen.
En dat doet ze goed.
Bij elke kik, elke kuch, elke zucht, elke aanstoot tot wenen, elke aandrang tot schreeuwen, elke beweging, hoe klein ook, ze heeft het gezien, ze staat recht en begeeft zich naar wieg ,park, buggy, koets, relaxzeteltje, en ze geeft die tut nog maar eens, ze vraagt zich af of hij dorst heeft, of slaap nodig heeft, of een natte pamper, of hij wel goed ligt, of niet, of hij het vooral naar zijn zin heeft of niet en ze doet dat met een engelengeduld . Zowaar.
Gisteren stond het wenen haar nader dan het lachen, want vandaag zou ze Gust de ganse dag moeten missen. En morgen ook en volgende week ook. En dat vond ze heel erg.
Verdwaasd keek ik naar de hoorn van de telefoon. Ik kon me moeilijk inbeelden waar ze het over had. Was ik ook zo geweest? Had ik het vroeger, 28 jaar gelden ook erg gevonden toen Aude voor het eerst naar de pleegmoeder ging? Dat was Martine, een nicht van Philippe die in Opwijk woonde. Ze is er twee en een half jaar geweest en dat was een engel op zich!
Neen, ik betrap me erop dat ik anders was. Ik was zo blij dat ik weer aan de slag kon. Mijn wereld met Aude was niet vol genoeg, ik had meer afwisseling nodig. Zowaar.
Mijn zus Anne die later thuisgebleven is omwille van de kinderen, die begrijpt dat gevoel heel goed. Onmiddellijk gaf ze me aan dat ze begreep hoe moeilijk het was het kind achter te laten bij de pleegmoeder en niet elke stap te kunnen volgen van de kleine man.
Ik herinner me plots een beeld dat in mijn geheugen gegrift staat : het was in Boechout, Ella moet zo'n jaar geweest zijn, in de Heuvelstraat, ik ga naar boven, en daar zit Anne op de leuning van de zetel in vieux rose, te kijken naar Ella die rondpeddelt en over aankomt waar ze beter af zou blijven. En Anne die telkens weer zegt : " Neen, Ella, afblijven!".
Ik heb een ganse tijd staan kijken door de deuropening naar dat tafereeltje, ik vond dat zo mooi.
Heel lang heb ik me niet kunnen inleven in het feit dat mijn zus, of iemand anders, thuisbleef om voor de kinderen te zorgen. Nu, zoveel jaren later zie ik de vruchten die mijn zus plukt door juist thuis te blijven. Natuurlijk heeft zij dan weer andere dingen gemist, maar omgekeerd is niet minder waar.

Maar iedereen heeft zijn eigen drive. Bij mij was dat het werk. Zelfstandig zijn, op mijn eigen benen staan, want het leven zou eens kunnen tegenvallen.
Het is tegengevallen soms en dan was ik dankbaar dat ik werk had en gedreven bezig was.
Maar nu kan ik wel begrijpen waarom iemand ook graag thuis is en blijft , bij de kinderen , om ze te zien opgroeien.
Aude houdt van haar werk, maar ze houdt meer van Gust. Zover is duidelijk.
De ganse dag liep ik rond met dat refreintje van het liedje van Will Tura in mijn hoofd : 't Is vandaag de eerste schooldag , lalallala....!
De huisvrouw hier in het zuiden zal haar schorseneren eens opzetten zie en dan eens bellen met dochterlief om te horen of ze het overleefd heeft, en Gust ook !


zondag 28 oktober 2012

Vergeven en vergeten

Een poosje geleden kwam Michèle Martin voorwaardelijk vrij. Na 16 jaar gevangenis.
Ze was de vrouw van het monster Dutroux , de verschrikkelijkste kindermoordenaar ooit in Belgenland.
Er werden weer witte marsen georganiseerd, de ouders van de destijds vermoorde kinderen kwamen opnieuw op TV, getuigend over het feit dat zoiets toch niet kon, dat er toch echt geen rechtvaardigheid bestond en dat het gewoon onaanvaardbaar was.
Het klooster van de Clarissen waar Martin werd opgevangen werd gekatapulteerd met stenen, er kwamen tientallen politieagenten en ordediensten aan te pas en je hoorde luid en wild roepen ' A mort!' , ' ter dood !'.
Nochtans was Martin, net zoals Dutroux en enkele andere kompanen door een assisenjury veroordeeld. Zo'n jury bestaat uit 12 gezworenen , geloot uit de bevolkingsregisters. Die mensen hebben toen in eer en geweten Dutroux veroordeeld tot levenslang en ter beschikking gesteld van de regering.
Martin kreeg een mildere straf: 30 jaar gevangenisstraf.
Eens de schuldvraag vastligt, trekken de voorzitter van het Hof van Assisen en de juryleden zich terug om de straf te bepalen.
De voorzitter legt uit welke straf wat betekent. Hij of zij doen dat met handen en voeten, zodat de juryleden met kennis van zaken kunnen beslissen.
Zo betekent 30 jaar, dat als je je goed gedraagt in de gevangenis , je na de helft van de tijd vrijkomt, dank zij de wet Lejeune die in 1888 van kracht geworden is.

Zo geschiedde. Martin heeft 16 jaar in de gevangenis gezeten , zich goed gedragen en nu komt ze op voorwaarden vrij. Ze zondert zich af van de wereld en van zodra ze weer een scheve stap zou zetten, vliegt ze voor de resterende tijd opnieuw in de gevangenis.

Ik ben altijd geschokt als ik zulken taferelen zie.
Geschokt omdat het de indruk geeft dat de straf niet rechtvaardig was, dat alles opnieuw moet worden overgedaan.
Uiteraard kunnen de ouders van de slachtoffers nooit vergeten wat er gebeurd is. De onmenselijke omstandigheden waarin alles gebeurde maken hun lijden zeker onvoorstelbaar.
Maar rechtvaardigheid is geschied, de rechtbank deed haar werk en de straf werd uitgezeten.

16 jaar later wordt de volksschare opgehitst door de media, radio, TV die te pas en ten onpas gedurende minutenlange beelden alles nog eens overlopen, profijt en sensatie trekkend uit het onvoorstelbare, dat de feeks vrijkomt !
Politici nemen het woord en scharen zich achter de volksmassa. Ja, de wetten moeten veranderen, we moeten strenger zijn, de straffen moeten zwaarder wegen, etc enz etc....
Op geen enkel moment wordt aan de bevolking gewoon in mensentaal uitgelegd dat alles geschied is zoals het hoort.
Neen, dat zou te eenvoudig zijn.

Ik kan daar niet bij.

En ik vraag me af of we wel nog in staat zijn om onze naaste te vergeven? Of we soms de bladzijde kunnen omdraaien, of we schoon schip kunnen maken, zand erover , van nul af aan herbeginnen, of dat we in tegendeel evolueren naar een wereld zonder pardon, een onverbiddellijke wereld, zonder meelij, zonder compassie, waar er geen plaats meer is voor empathie.

Willen we dan terug naar de toepassing van de doodstraf?
Zullen we pas tevreden zijn als we met onze eigen ogen op TV getuige zijn van de uitroeïing en vernietiging van elke boosdoener?

Waartoe dienen gevangenissen , rechtbanken en straffen als we daarna opnieuw het proces maken van degene die veroordeeld is.

Er zijn geen woorden voor de begane misdaden, maar zou het echt niet kunnen dat die vrouw spijt heeft van haar daden?
Kan een  mens dan niet veranderen?
Bestaat berouw dan niet ?

Is er dan geen hoop meer ?

In Belgïe wordt de hele oude wet Lejeune van 1888 aangepast : de voorwaardelijke invrijheidsstelling wordt verstrengd.

Waren de mensen in 1888 dan milder dan nu in 2012 ?

Ik vraag het me soms echt af.

donderdag 25 oktober 2012

Guess who's coming for dinner ...?

Ik heb te vroeg hoera geroepen. Gisteren was het weer zover : electriciteitspanne rond 17 uur, uur waarop Jan naar Cahors vertrok om eerst boodschappen te doen en dan een vergadering bij te wonen.
"Zou hij thuisblijven?", vroeg hij lief.
"Zou hij de generator gereedzetten met de kabels in en rond het huis?", verduidelijkte hij.
Neen, niet nodig, het zal wel niet zo erg zijn.
Ik zag mijn leuke vrije avond in rook opgaan. Ik wou wat doorlopers oplossen ( Monique vroeg me ooit welk model schoenen ik bedoelde ????) , daarna een boterham met kaas verorberen en een glas rode wijn, op een plateau op mijn schoot , terwijl ik naar " de slimste mens" zou kijken, en dan naar een leuke detectiveserie "Scott & Baily" en de avond kon niet meer stuk.
Ik belde naar Fernand, een dichte buur ( in Belgïe een verre buur, want gauw een half uurtje stappen door de velden, maar hier 'dicht', want ik zie zijn huis staan zonder huizen ertussen, ik zie 's avonds zijn licht branden en zijn auto die er al dan niet in de garage staat, een buur waarvan ik dus in se meer weet dan dat ik ooit van een Belgische buur in Boechout wist) .
" Mais oui Geneviève, personne n'a du courant dans la vallée ! Il y a un de mes arbres qui est tombé sur un poteau et l'EDF est en train de le fixer. Tu ne vois pas l'énorme engin près de chez toi? Bref, ils ont coupé l'électricité dans la cabine et il y a bon espoir que nous aurons bientôt à nouveau de la lumière!"
Tof. Het kon dus een poosje duren, maar er was hoop.
Aangezien de temperatuur meer dan 25 °C bedroeg ging ik onder de auvent zitten met mijn doorlopers.

Ik zat daar ongestoord gedurende 10 minuten.

"Hello, anybody home?"
Lap, miljaar, Paul de bovenbuur , die uiteraard kwam checken of ik electriciteit had en of hij de enige kluns was van het westelijk halfrond zonder, vermits hij druk doende is de laatste tijd met bosmaaiers, cementmolens, boormachines....
Neen hoor, ik zat in hetzelfde schuitje. Hij gaat zitten en de hoop op een aanlokkelijke vrije avond daalt weer onder nul.
Twee en een half uur later , het is bijna donker , is er nog steeds geen licht. Ik zeg tegen Paul, vriendelijk maar kordaat , of hij nu niet beter naar huis gaat, want straks is het donker en vindt hij de weg niet terug ( ik mag er niet aan denken hem terug te zien later op de avond) , noch zijn kaarsen in huis.
Hij vertrekt.
Ik spring recht, haal de honden binnen, trek mijn nachtjapon aan .
Lux fiat en heel blij  ga ik voor TV zitten met mijn dienblad.

Ik zat daar ongestoord gedurende 10 minuten.

"Tik, tik tik"
Hoorde ik nu getik aan de voordeur?
Ik dacht aan de man van de electriciteit die een boormachine zou komen brengen, misschien was hij het?
Ik loop langs achter om te gaan kijken.
Er staat een wagen, ik zie een lange magere man met een fles in zijn hand, die roept " Gene, ik ben het!"
Maar wie is dat, vraag ik me af?
Nogmaals: " Gene, ik ben het, Pascal, je broer"
Ik stond daar als aan de grond genageld.
Ik had Pascal zo'n 7 jaar niet meer gezien en sinds een ruzie in onze zuster/broederkring ( "fratrie" zeggen ze in Farnkrijk) had ik al twee jaar niet meer met hem gesproken.
"Kom dan toch binnen", roep ik.
Hij reikt me de fles aan, in ruil voor de ontvangst , gaat in de zetel zitten , is duidelijk kortademig, wat ik wijt aan zijn rookgedrag.
"Neen hoor, ik rook al zo'n 5 jaar niet meer" , zegt hij.
Het zijn de zenuwen, hij weet niet goed waar te beginnen.
We geraken ontspannen na een whiskytje en we wisselen foto's uit van onze kinderen en van mijn kleinzoon.
We zijn blij en er is geen spanning meer te bespeuren.
"Heb je onze zus al gebeld en je geëxcuseerd voor je gedrag"? , vraag ik.
"Ik durf niet goed, ik heb nu al moed gehad om tot hier te komen", zegt hij.
Hij werkt in Parijs en woont in Marbella namelijk, een gans eind en zeker een reusachtige omweg om Castelnau aan te doen.
Zijn GPS vond mijn weggetje niet. In het hotelletje waar hij logeerde kenden ze het ook niet. Maar Aurélia van Le Bardouquet die wist het wel.
"Kennen jullie een Belgisch koppel, adres Vers?"
"Ja, dat zijn Geneviève en Jan" zei Aurélia.
"Ik ben haar broer", zei Pascal.
"Oh dan woon jij in Spanje"
"Oh, heeft Gene echt over mij verteld?", vroeg hij. Precies of hij blij was dat ik hem toch al die tijd niet doodgezwegen had.
"Ik zal je naar haar toe brengen" en Aurélia stapte in haar wagen en reed hem tot aan het weggetje boven op het plateau.
Rond 23.30u is hij vertrokken, alweer naar het zuiden .
Hij was blij en ik was het ook. Familie zie je toch altijd terug.
Scott and Baily was al lang voorbij.
Maar deze serie was nog spannender.
De sterren stonden waar ze moesten staan gisterenavond.
Laat ze maar schijnen in de nacht. Misschien brengen ze ons zielerust.

vrijdag 19 oktober 2012

Herfststorm bij 27°C

Het was lang geleden dat we zonder electriciteit hebben gezeten, ik bedoel dan echt urenlang geen stroom hebben en niet zoals Hilde Sabbe gisteren op facebook schreef : ´ help, ik heb al anderhalf uur geen electriciteit meer...´.
Nadat we zo'n twee jaar gelden eens 48 uur zonder stroom zaten hebben we ons een generator aangeschaft. Natuurlijk gebeurde er na die aankoop niets meer wat van verre of van dichte nog op een stroompanne geleek, maar kom, we voelden ons 'veilig' en vooral 'voorbereid' op pannes allerhande.
Deze week voorspelde Paul-Frédéric Casé, mijn geliefde monsieur météo van radio 100 % , dat het zwaar zou stormen.
Dat is ook gebeurd. Pieken tot 120 km/uur.
Ik herinner me de tijd toen ik nog bij De Vaderlandsche werkte en waar elke aangekondigde storm zorgde voor paniekaanvallen, draaiboeken storm van Annick Barratt, tijden waar ik samen met de brandcollega's paraat stond om de schade na de storm op te vangen.
Want storm betekende schade en schade betekende werk, veel werk, té veel werk soms.
Deze storm is weer iets anders : zware wind maar wat er zo bijzonder aan is, is het feit dat die wind zo warm is, bijna woestijnwind. Aurélia van het dorpscafé sprak gisteren van 'le sirocco'. Inderdaad, het is speciaal.
Vanmorgen heb ik dus mijn 'toilette' gemaakt bij het zwakke schijnsel van mijn kleine zaklamp.
En ik werd beneden romantsich verwelkomd door Jan die overal kaarsen had neergezet, het campinglichtje van Stienus midden op tafel gezet had en koffie aan het opgieten was met een ouderwetse waterketel.
Daarne legde hij overal kabels, sloot er lampen op aan en bracht de generator aan de praat en zie, 'lux fiat' !
Gezellig is het wel.
Maar je kan uiteraard niet veel doen op die momenten, een boek lezen en genieten van alles wat niet electronisch is.
De electriciteit is sindsdien zo.n twintig keer aan en uit gesprongen, nu maar hopen dat het zo standvastig blijft. Een geluk dat het warm is. Heel warm in feite. Het heeft iets onwezenlijks, de bladeren die van de bomen vallen bij 27 ° C...nog nooit gezien. Er moet echter voor
 alles een eerste keer zijn .

maandag 24 september 2012

communicatieproblemen

"Ben je stilgevallen?", vraagt een vriendin.
"Je blog blijft zo stil!".
Enerzijds doet het me plezier dat er af en toe iemand kijkt naar wat ik schrijf/ervaar.
Anderzijds wil zwijgen niet zeggen dat er hier niets gebeurt , laat staan dat ik 'stil zit ' ;
Integendeel.

Maar kijk, een (ander) groot verschil tussen Vlaanderen ( of ten noorden daarvan) en het zuidwesten is de internetverbinding. Die is hier zeker niet "stabiel". De livebox knippert gestaag , van groen naar oranje en dan naar schreeuwerig rood ,sommige bolletjes vallen ineens uit, andere beginnen heel onerwachts verwoed druk aan en uit te gaan. Kortom je kan er niet op vertrouwen.
Mijn zus was hier twee weken in augustus en ondervond nogal wat connectieproblemen onder de 'auvent'.
De auvent zou je letterlijk kunnen vertalen als ' in de wind' , daar waar het in feite om een beschutte plaats gaat , die juist helemaal 'uit de wind' staat. Raar maar waar.
We moesten dus met zenders en ontvangers werken, dan eens niet , dan eens wel, dan eens alleen op die bepaalde plaats, maar dan kon je de krant niet lezen op de ipad binnen. Of dan op een andere plaats, maar dan kon je buiten niet op internet. Of Jan liep te jammeren dat het toch godgeklaagd was dat we niet allen samen op internet konden, of erger nog : of het echt NODIG was dat we op internet wilden. Konden we niet eens kaarten met elkaar voor de verandering?
Goed.
Daarna hebben we de hulp ingeroepen van de hier te velde heel gerenommeerde heer Filippi. Die zou dat allemaal kunnen oplossen. En als hij er dan toch is zouden we ook eens vragen of we een bijkomende schotelantenne zouden kunnen installeren opdat we ook de Franse zenders zouden kunnen ontvangen.
Zo gezegd zo gedaan.
De Tv, dat is helemaal in orde. We zijn dus meer en meer geïntegreerd hé. Kijken nu Franse TV , soms met ondertitels , dat helpt.
"Het zal de livebox zijn" ,zegt mijnheer Filippi.
Dus wachten tot de maandag daarop om een nieuwe livebox in de orangewinkel in Cahors te gaan halen. Ik kreeg onmiddellijk een nieuwe...die we maar niet aangesloten kregen.
Gebeld, opnieuw gebeld, hulp gekregen, het werkt, het werkt niet meer, het werkt plots vanzelf. We zijn gelukkig. Tot de dag erop, geen internet, geen groene lichtjes, weer de helpdesk. Iemand die me na 45 minuten fitness oefeningen te laten doen ( in de zin van : "staan de lichtjes nu op groen, welk lichtje niet, welk lichtje wel, zet de livebox eens af, eens aan, nu je computer uitzetten, de stekker uittrekken, de stekker van telefoon uitzetten, weer aanzetten, "...je passe les détails) zelfs feliciteert omdat ik zo goed heb meegewerkt (!?).
Ik leg de hoorn neer, een uur nadien, niks meer. Argggggg !
Teruggebeld, weer de ganse uitleg gedaan, weer alle fitnessoefeningen gedaan, "er zal iemand langs komen en volgende week zullen ze me bellen om een commercïele geste te doen voor de inactiviteit van het internetcircuit".
De man zou langskomen op zaterdag tussen twee en drie.
Geen sïesta dus, je weet maar nooit. Om 17 uur telefoon, hij komt ten vroegste donderdag ! "Maar", zegt hij" als ik langs ben geweest zijn al je problemen meteen opgelost!" .
Volgende donderdag komt God dus langs ! Ondertussen is het echter behelpen.

Afzien! Je beseft dan plots dat je ver weg bent en dat verhuizen naar het buitenland vroeger totaal anders moet geweest zijn dan nu.
Maar je beseft ook dat het veel moeilijker zou zijn zonder dat medium.
Onze bovenbuur Paul woont hier ondertussen een maand of drie ( met reeds anderhalve week Wales er tussen in ) , heeft internet met satelliet(onbetaalbaar) en is dus maar een paar uur per maand bereikbaar. Hij gaat er zienderogen op achteruit.
Hij heeft het moeilijk, kan zich niet integreren , want spreekt de taal niet, maar doet ook geen enkele moeite om daar iets aan te veranderen.
Dus rekent hij op mij om telefoons te plegen, hem mensen voor te stellen, de techniekers te woord te staan, brieven te schrijven, internet aan te bieden onder de 'auvent' , hem te helpen...
Maar ik heb niet gevraagd dat hij hier zou komen wonen uiteraard.
Zijn nieuwe keuze impliceert ook een inspanning van mij en dat maakt mij ongerust.
Meer nog, ik heb het daar moeilijk mee.